Plus Column

Kennismaken op het kamp met de drugskrokodillen

Yasmina Aboutaleb (29) rapporteert op dinsdag en donderdag vanuit de stad.

Yasmina Aboutaleb Beeld Agata Nowicka

Aan de voet van de Nesciobrug over het Amsterdam-Rijnkanaal ligt een woonwagenkamp. Een kleintje, met een stuk of zeven woningen. Voornamelijk caravans.

Meestal fiets ik er met een rotgang doorheen, maar vandaag niet. Ik neem me voor om te gaan buurten.

Eén huis doet me meteen denken aan dat van Frans Bauer. Witte bakstenen, grote ramen, kunststof kozijnen en een blauw puntdak. Van de Hokjesman op televisie leerde ik dat dit soorten woningen wel degelijk woonwagens zijn, maar dat de wielen verstopt zijn. Niet dat de bewoners nog op pad gaan met hun huis, dat was vroeger, maar het gaat om het idee.

Het huis heeft een marmeren bar in de keuken. Het is de enige woning waar je naar binnen kunt kijken. De andere hebben allemaal vitrage of lamellen voor de ramen. Om het aangezicht toch nog op te vrolijken heeft iemand een monster van een porseleinen clown voor het raam gezet. De stacaravan ernaast heeft geblindeerde ramen.

De straatjes zijn stil, af en toe roetsjt er een fietser doorheen, maar verder gebeurt er niets. Ook bij de loodsen achter me niet. De oude barrels op het terrein staan er verlaten bij.

Dan word ik ineens opgeschrikt door gegrom. Een joekel van een pitbull staat in een voortuin. Het enige wat hem van mij scheidt is een hek, een laag hek, dat wel, maar ik vermoed dat deze dikkerd niet springt. Gelukkig.

Achter de hond verschijnt een oudere vrouw met een grote tattoo op haar bovenarm. Vrolijk zegt ze me gedag. Als ik vertel dat ik kom buurten, verdwijnt haar lach, ze kan me niet helpen. De bewoners van het huis zijn er niet, ze past slechts op. Maar ik moet het volgens haar vooral bij de mensen hierachter proberen, zegt ze.

Even later klop ik op het raam bij de clown. Een vrouw steekt haar hoofd door het zijraam. Ze heeft platinablond haar, lange nagels en een bloesje met slangenprint.

"Het Parool?" zegt ze, "Daar praat ik niet mee. Die hebben heel negatief geschreven over ons kamp."

"O, wat dan?" zeg ik.

"Nou, over die drugskrokodillen..."

"Drugskrokodillen?" Ineens valt het kwartje. Bij een loods naast het huis met de geblindeerde ramen stond een bordje met: Alligator Crossing. Ik dacht er eerst niets van, maar nu gaat er van alles door mijn hoofd.

"Ik kan je niet helpen, sorry." Het raam gaat weer dicht.

Bij de krokodillen durf ik niet aan te bellen, en bij de andere huizen, gezien de mogelijke aanwezigheid van meer pitbulls op het terrein, eigenlijk ook niet. Net als ik denk dat mijn bezoek faliekant mislukt is, verschijnt er in de voortuin van het Frans Bauerhuis een stevige kerel. Hij wil graag kennismaken, maar niet vandaag. Hij moet werken. Maar niet getreurd, ik kan gewoon bellen voor een afspraak, zegt hij. Met zijn telefoonnummer in mijn zak fiets ik naar huis.

yasmina@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden