James Worthy Beeld Agata Nowicka

‘Jouw vader is ook geen heilige’

Plus James Worthy

Voor het Concertgebouw staan twee mensen ruzie te maken.

“Waarom gaan we op Vaderdag altijd naar jouw vader? Ik heb ook een vader,” zegt de man.

“Ja, maar die woont helemaal in België.”

“Je weet waarom hij in Brugge woont.”

“Ja, hij heeft er de liefde gevonden.”

“Hij is daar gelukkig.”

“Dat weet ik. Ik zie alle foto’s langskomen op Facebook.”

“Dus je ziet die foto’s wel? Waarom druk je nooit op dat duimpje omhoog dan? Ben je nog steeds boos op hem, omdat hij je een keer Karin noemde in plaats van Sonja?”

“Karin is je ex. Je belangrijkste ex.”

“Mijn vader is oud.”

“Hij wist dondersgoed wat hij deed.”

“En jouw vader dan? Hans is ook geen heilige.”

“Ik vind het niet leuk als je mijn vader Hans noemt. Hier hebben we het over gehad. Ik wil dat je hem pa noemt.”

“Hij is mijn pa niet. Hoe vaak heb ik tegen hem gezegd dat ik geen vis lust? En toch maakt hij al tien jaar vis voor me klaar.”

“Vis is heel duur. Hij wil je verwennen.”

“Ik eet geen vis. En jij weet waarom.”

“Omdat mensen in de zee plassen.”

“Ik wil vandaag naar mijn vader.”

“Maar mijn vader verwacht ons. Hij appte net een foto van drie zeewolffilets.”

“Ik lust geen vis, Karin.”

“Karin is je ex. Ik ben je ex niet.”

“En Hans is mijn vader niet. Ik wil naar Brugge toe. Mijn vader weet dat ik geen vis lust.”

“Ik vind Brugge net iets te ver. Morgen moeten we gewoon weer werken. En je weet dat ik wagenziek word als ik langer dan een uur in de auto zit.”

“EN JIJ WEET DAT IK MISSELIJK WORD VAN VIS!”

“Demp je toon, Alexander.”

“Verdomme, Sonja, ik mis mijn vader.”

“Dan gaan we volgend jaar naar jouw vader toe op ­Vaderdag.”

“En je wagenziekte dan?”

“Ik slik wel iets tegen de misselijkheid.”

“We kunnen ook met de trein gaan. Ja, we pakken de trein, maar dan wil ik wel dat je mijn vader af en toe een duimpje omhoog geeft op Facebook.”

“Dat kan ik niet beloven, schat.”

“Maar die foto van gisteren was schattig, toch? Hij was zo trots op zijn nieuwe wandelschoenen.”

“Ik heb het niet zo op wandelschoenen. Alle schoenen zijn wandelschoenen als je het mij vraagt. Maar we zijn bijna bij mijn vader. Doe je haar even goed. En je stropdas ook.”

“Maar waarom? Ik kan hem niet imponeren. Al red ik de wereld. Al breng ik je moeder weer tot leven. Ik blijf een kansloze oetlul.”

“Maar je bent wel mijn kansloze oetlul.”

“Ik ook van jou, lieve Karin.”

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden