Patrick Meershoek. Beeld Artur Krynicki

Joris van Casteren ziet de eenzame uitvaart als literair podium

Plus Patrick Meershoek

Het zijn geen geluksvogels die in aanmerking komen voor een eenzame uitvaart. Doorgaans gaat het om aan lager wal geraakte mannen en vrouwen die het vaantje hebben gestreken. Armlastig, verstoken van kinderen of andere naasten, en niet zelden in het bezit van een karakter of een psychische aandoening waarvoor alleen betaalde hulpverleners het benodigde geduld kunnen opbrengen.

Er gaat een grote troost van uit dat deze mensen hun tocht naar het graf niet alleen hoeven af te leggen. Sinds 2002 loopt in Amsterdam met de ambtenaren van de sociale dienst ook een dichter mee uit de zogeheten Poule des Doods. De dichter van dienst draagt een gedicht voor dat speciaal is gemaakt voor de overledene, als laatste groet en postume pleister op de wonde.

Neeltje Maria Min, Judith Herzberg, Tonnus Oosterhoff en wijlen Rogi Wieg en Menno Wigman: het zijn bepaald niet de minsten die de klus door de jaren heen op zich hebben genomen. Het zijn kunstenaars van naam en faam en ook dat is belangrijk. Je wilt als overledene na jaren van doffe ellende ook niet worden heengezonden met een hakkelend voorgedragen kreupelrijm.

Na het overlijden in 2018 van initiatiefnemer en stadsdichter F. Starik heeft Joris van Casteren de fakkel overgenomen. De journalist, schrijver en dichter draagt die met verve. Zijn verslagen van de uitvaarten zijn journalistieke meesterwerkjes, waarin leven en lot van de overledene tot in detail worden beschreven. Het is niet voor niets dat de verhalen ook worden afgedrukt in de Volkskrant.

Ik ben elke keer onder de indruk van hoe Van Casteren aan de weg timmert, en toch zit het me niet lekker. Zijn voorganger deed zijn werk in stilte en soberheid. Op de site, waar het niet veel drukker was dan op de gemiddelde eenzame uitvaart, verschenen na afloop het gedicht en een verslag van de vaak moeizame zoektocht naar informatie over de overledene. Dat was het, en dat was genoeg.

Van Casteren tapt uit een ander vaatje en maakt een uitgebreid en niet zelden meedogenloos portret van een kapseizend leven. Zoals in zijn laatste verslag over de baby die bungelend aan de navelstreng tussen de benen van haar verslaafde moeder op straat wordt aangetroffen. Het verhaal is adembenemend in zijn gruwelijkheid, maar op welke manier moet dit het overleden kind postuum tot troost zijn?

Het bevalt me ook niet dat de verslagen in de krant worden afgedrukt. Voorheen was de eenzame uitvaart een ingetogen eerbetoon aan een pechvogel, nu lijkt de begrafenis een opstapje naar een demonstratie van journalistieke vaardigheid die vooral door zo veel mogelijk mensen moet worden bewonderd. Het lijkt alsof het verhaal belangrijker is geworden dan de mens die uitgeleide wordt gedaan. Onder leiding van Van Casteren staat een bigband naast het graf te spelen. Ik weet niet hoe de doden er over denken, maar ik hield meer van de gedempte trompet van F. Starik.

Patrick Meershoek is verslaggever van Het Parool en schrijft elke woensdag een column. Lees alle columns hier terug.

Reageren? Mail naar patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden