Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Jongen, had nou nog negen maanden gewacht, ben je geneigd te denken

PlusMaarten Moll

Voor ik in de trein naar Amsterdam stapte, liep ik over de Invalidenstrasse en langs het Nordbahnhof naar de Gedenkstätte Berliner Mauer.

Er staat nog een met graffiti beklad stuk van de Muur.

En daar zag ik hem weer. Natuurlijk zag ik hem daar weer. En haar ook.

Over Berlijn ligt een schaduw-Berlijn. De resten van de Koude Oorlog zijn zichtbaar, maar de stad doet ook haar best om niet alleen een stad van het verleden te zijn, of een monument van ‘toen’.

Overal zie je tekens, staan borden, maar ze zijn tege­lijkertijd zo aanwezig, ze doen zo hun best om je op dat verleden te wijzen, dat je ze vaak niet eens meer opmerkt. Vooral als je je maidentrip naar Berlijn hebt gehad, en in een paar dagen de hele Koude Oorlog-top 10 hebt afgevinkt.

Toch bleef ik twee dagen eerder bij de Brandenburger Tor stilstaan voor een hek waaraan borden in de vorm van witte kruizen waren bevestigd met fotoportretten erop. Mannen en vrouwen die op hun vlucht over de Muur naar het westen om het leven kwamen. Mij on­bekende verhalen.

Zoals dat van Chris Gueffroy, die op 5 februari 1989 de laatste persoon was die door grenswachten werd doodgeschoten. Trieste geschiedenis. Chris weigerde om een officiersopleiding te volgen in het leger van de DDR, en mocht vervolgens niet naar de universiteit. Zijn droom piloot of acteur te worden spatte uiteen, en hij kwam in restaurants te werken als kelner.

In februari hield hij het niet meer uit achter de Muur, en waagde hij een poging. Hij moet hebben geweten dat velen voor hem – zo om en nabij de 140 – het niet hadden gehaald.

Chris Gueffroy werd twee keer geraakt, een schot doorboorde zijn hart.

Jongen, had nou nog negen maanden gewacht, ben je geneigd te denken. Maar hij kon niet in de toekomst kijken.

En ook verpleegster Ida Siekmann had nog even moeten wachten, veel minder lang, seconden maar. Zij staat te boek als het eerste slachtoffer dat de Muur maakte, negen dagen nadat met de bouw ervan was begonnen, op 22 augustus 1961.

Zij sprong uit het raam op de derde verdieping van haar woning die op de grens van Oost- en West-Berlijn lag. Net voor brandweermannen het vangnet hadden kunnen uitvouwen. Ze stierf op weg naar het ziekenhuis. In vrijheid, en een dag voor ze 59 zou worden.

Die Muur. Ik dacht dat ik er wel klaar mee was.

Maar dit stuk bij het gedenkteken had ik nog niet bezocht. En het Fenster des Gedenkens, een groot raamwerk waarin foto’s van alle slachtoffers van de Muur zijn gevangen, kende ik ook niet. Het is een huiveringwekkend monument. En daar keek ik weer in de gezichten van Chris en Ida.

Ze blijven uit de schaduw komen om hun tragische verhalen te vertellen.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden