Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Johanes en de das: de dood was een ongenode gast op dit weekendje Limburg.

PlusMaarten Moll

Mooie wandeling, een fraai landschap, en toen die das langs het spoor bij Schin op Geul.

Het leek of het dier sliep, maar overdag zie je bijna nooit dassen.

Ook niet bij de dassenburcht in de holle weg bij ons appartement in Schweiberg.

De das was dood.

Aangetikt door een trein.

Het was een snelle dood geweest, waarschijnlijk. Hopelijk.

We liepen verder richting Gulpen, en ik dacht natuurlijk meteen aan de das die in de roman De burcht langs de kant van de weg wordt gegooid. Een heel andere dood.

‘De honden hadden de voorkant van de kop losgereten en de neus hing er los en bloederig bij, bungelde aan een flard huid. De neus hing aan de das als een apart dier.

Ach, dacht hij. De kraaien lossen het wel op.’

Deze lugubere scène staat op de eerste pagina’s van De burcht, dat prachtige boek van Cynan Jones over ‘de in elkaar grijpende levens van een dassenknuppelaar en een boer die zich door het lammerseizoen worstelt’.

‘Hij trapte de das wat rond om die minder stijf te maken. Hij trapte de kop naar buiten zodat die gestrekt over de weg kwam te liggen. De bovenste lip was tot een overdreven grimas opgetrokken en enkele tanden boven de onderkaak waren verbrijzeld, ze hingen er los bij op de plaatsen waar ze die met een spade hadden stukgeslagen om de honden een kans te geven.’

Het is een even gewaagd als luguber als magistraal geschreven romanbegin (mooi is anders), want Jones spaart de lezer hier niet. (Lees door!) Maar na deze proloog volgt hoofdstuk een van het eerste deel van De burcht, over de boer, en dat is werkelijk adembenemend mooi.

Vlak bij ‘onze’ dassenburcht, aan een andere holle weg in het prachtige landschap, bij Bisse, ontdekte

ik een dag later een veldkruis, of een ongelukskruis (óngelökskruus in het Limburgs.) Een ijzeren kruis met een bleke Jezus eraan en een bosje nepbloemen met groen linten. En een ijzeren bordje waar een tekst in was geslagen.

‘Hier starb durch ein Unglück am 6 april

1878 der Jüngling Johanes Leonardes

van Hautem im Alter von 13 Jahren

Betet für die armen Seelen’

De dood was een ongenode gast op dit weekendje Limburg.

Meteen op mijn telefoon opgezocht. Ook een triest verhaal. De jongen zat op een wagen die door een paard werd voortgetrokken. Hij viel 143 jaar geleden op deze plek van de wagen en kwam met zijn hoofd onder een karrenwiel. Arme Johanes (en dan is de man met de hamer waarschijnlijk ook nog een n in je naam vergeten.)

Achter het kruis de heuvels, de hagen, de vakwerkhuisjes, het bos. En heel even de zon.

Niets zo verraderlijk als een lieflijk landschap.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden