Opinie

'Is goede mondzorg alleen voor wie rijk is?'

De mondzorg in Nederland is systematisch uitgehold. Er zijn te weinig tandartsen en de basiszorgverzekering vergoedt steeds minder, schrijft Albert Feilzer

Al jaren wordt er gewaarschuwd voor een tekort aan tandartsen Beeld Peter Dazeley/Getty Images

Niemand kan zeggen dat een tekort aan tandartsen in Nederland als verrassing komt. In 2009, 2010 en 2013 heeft het Capaciteitsorgaan, dat de regering adviseert over de toekomstige behoefte aan zorgprofessionals, rapporten over de mondzorg gemaakt.

De behoefte aan tandartsen werd groter dan het aanbod, ­aldus het orgaan. Het advies: vergroot de opleidingscapaciteit. Helaas zijn de adviezen niet opgevolgd door het ministerie van VWS.

Omdat in 2017 tandheelkundige beroepsverenigingen de noodklok luidden over een aankomend groot tandartsentekort, heeft de Tweede Kamer in het najaar 2017 bij de minister van Volksgezondheid gevraagd om nog een capaciteitsonderzoek.

Er kwam een rapport van twee samenwerkende onderzoeksbureaus (Panteia en Etil), dat net voor het zomerreces aan de Tweede Kamer is aangeboden.

Zoals te verwachten valt, verschillen de uitkomsten en adviezen van dat rapport weinig met die in de drie eerdere rapporten van het Capaciteitsorgaan. Het advies: verhoog de numerus fixus voor de opleidingen tandheelkunde met 150 plaatsen.

Maar wat is er werkelijk aan de hand? De beantwoording van de vraag hoeveel mondzorgverleners er eigenlijk nodig zijn in Nederland is namelijk complexer dan de vraag hoeveel artsen er nodig zijn. In de mondzorg wordt de zorgvraag namelijk ook beïnvloed door de kosten voor de patiënt.

Anders dan voor geneeskundige zorg, is de mondzorg voor volwassen vrijwel geheel voor eigen rekening. De overheid heeft een grote, remmende invloed op de vraag naar tandzorg door de verzekeringscondities in het basispakket regelmatig te verslechteren. Zo wordt de mondzorg steeds minder toegankelijk.

Uit het basispakket
Waar in het aloude Ziekenfonds voor ongeveer 70 procent van de bevolking eenvoudige mondzorg werd vergoed, moet de volwassene nu zelf de kosten voor mondzorg betalen.

Albert Feilzer, Hoogleraar algemene ­tandheelkunde, decaan van het Academisch Centrum ­Tandheelkunde Amsterdam (Acta) Beeld .

Sinds de ziekenfonds­verzekering in 2006 is komen te vervallen, is de mondzorg voor volwassenen langzaam aan vrijwel geheel uit de basis­zorg­ver­zekering verdwenen.

Ja, aanvullend verzekeren is mogelijk, maar toch blijkt deze eigen verantwoordelijkheid in toenemende mate een drempel. De toegankelijkheid van de mondzorg is daardoor in het geding.

Immers, deze (aanvullende) verzekeringen hebben een winstoogmerk en daardoor beperkingen, zoals een jaarlijkse maximering van ongeveer 250 euro. Dat is een relatief laag bedrag als je plotseling een iets complexere behandeling nodig hebt.

Gezinnen met een inkomen beneden modaal en ouderen die van een AOW leven, kunnen zich de aanvullende verzekering met moeite permitteren, laat staan de eigen bijdrage betalen. Kortom: er zijn grote belemmeringen om naar de tandarts te gaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden