Opinie

'Inspraak beperkt zich tot rotprobleempjes'

De opstelling van Rutger Groot Wassink met betrekking tot de invloed van bewoners is schijn­heilig. Inspraak blijft beperkt tot zaken waar weinig belang aan wordt gehecht, stelt John Jansen van Galen.

Rutger Groot Wassink van GroenLinks, wethouder Democratisering Beeld Marc Driessen

Dat GroenLinks-voorman Rutger Groot Wassink als wethouder Democratisering het nieuwe bestuursstelsel voor de stadsdelen verdedigt, terwijl hij zich daartegen als raadslid volgens een interview in Het Parool (16 augustus) 'misschien wel het felst verzet' heeft, is hem niet kwalijk te nemen. Coalitievorming is geven en nemen. Alleen, hij slaat door.

De bedoeling van het dit jaar ingevoerde stelsel was de gekozen deelraden te verlossen uit de greep van de politieke partijen, waarin zij zich vanaf het begin, bijna veertig jaar geleden, bevonden.

De deelraden waren van alles: kweekvijver voor politiek talent, speeltuin voor partij-politieke spelletjes, verlengstuk van de fracties in de Stopera. Wat ze niet waren: een vehikel van een open democratie. Als een stadsdeelbestuur deels bestond uit portefeuillehouders van collegepartijen konden deze de zaken in het stadsdeel naar hun hand zetten.

Dat stelsel was failliet, maar met het nieuwe bestel zijn de burgers van de regen in de drup geraakt. Nu worden stadsdelen bestuurd door functionarissen die door de Stopera zijn benoemd. De gekozen stadsdeelcommissies ­mogen hun adviseren, meer niet. Met andere woorden: wie het in de stadsdelen voor het zeggen heeft, is niet gekozen, en wie gekozen is, heeft niks te zeggen.

Gevestigde partijen
Het oorspronkelijke idee was dat vertegenwoordigers met draagvlak in de buurten de plaats zouden innemen van aspirant-politici. Op de valreep is alsnog de mogelijkheid opengesteld voor partijen om toch aan de verkiezingen van stadsdeelcommissies deel te nemen, met als gevolg dat de gevestigde partijen nu de stadsdeelcommissies vormen.

Dat stelsel neemt Groot Wassink voor zijn rekening. Er zit immers, meent hij, niets anders op. We kunnen toch niet opnieuw, voor de vierde keer sinds 2010, het stelsel op de helling zetten? Wel dient het gemeentebestuur de ontstane democratische gaten te dichten.

Daarvoor heeft de wethouder grote verwachtingen van de zogenoemde buurtrechten: "Inwoners moeten zich meer en gemakkelijker kunnen uitspreken over kwesties waar ze mee te maken krijgen, zonder gekozen te worden," zegt Groot Wassink. Dat klinkt veelbelovend, maar de voorbeelden die hij geeft, drukken de ­verwachtingen weer de kop in.

Het eerste voorbeeld: het schoonhouden van wijken. Het tweede: de eventuele naamsverandering van het Stadionplein in Johan Cruijffplein. Tweemaal klein bier! Over openbaar vervoer in uw buurt, toerisme of schone lucht mag u zich blijkbaar helemaal niet 'uitspreken'.

Aan niets doet mij dit zo sterk denken als aan Roel van Duijn die in de jaren zeventig als voorman van Oranje Vrijstaat al vurig pleitte voor decentralisatie van het stadsbestuur, omdat de inwoners van de Goudsbloemdwarsstraat dan voortaan hun eigen 'rotprobleempjes' konden oplossen. Hoefden de politici zich daarmee tenminste niet bezig te houden.

Aardgasvrije wijken
Hoe de wethouder denkt over buurtrechten bij werkelijk belangrijke kwesties blijkt overduidelijk als interviewer Ruben Koops hem vraagt welk recht een buurt heeft om bijvoorbeeld het aardgasvrij maken van de wijk te verhinderen.

"Dan is niet goed uitgelegd wat de kosten zijn," reageert Groot Wassink. "Of dan is het er te snel doorgeduwd." Hij kan zich niet voorstellen dat mensen er werkelijk tegen zijn. Als puntje bij paaltje komt, gaat het dus gewoon door.

Mogelijk is dat terecht: met dat aardgasvrij maken is immers onze toekomst gemoeid. Maar doe niet schijnheilig alsof wij buurtbe­woners er nog iets over te zeggen krijgen. Het is precies zoals in de dagen van Van Duijn (die lang lid was van GroenLinks): wij burgers ­mogen alleen beslissen over onze eigen rot­probleempjes, in de ruimte die politici daarvoor scheppen.

En, geloof mij, uit zichzelf staan ze geen bevoegdheden af. Dat u zelf voortaan uw plein schoonhoudt, vinden ze wel gemakkelijk. En u mag het wat hen betreft ook naar Johan Cruijff vernoemen. Werkelijke macht wordt niet afgestaan, die zal op hen veroverd moeten worden

John Jansen van Galen, journalist en publicist Beeld ANP Kippa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden