Tinkebell. Beeld Artur Krynicki
Tinkebell.Beeld Artur Krynicki

Ineens krijgen mijn slakken menselijke eigenschappen op zich geprojecteerd

PlusTinkebell

Lang verhaal, maar vorig jaar had ik dus een paar escargots. Slakken. Maar dan van een fokker die levert aan restaurants en zo. Ik ging ze niet opeten en wanneer ik ze in de tuin zou zetten, dan zouden mijn kippen ze oppikken, dus het werd een bloempot naast mijn voordeur. Een zeer veilige plek, zo is gebleken want deze zomer hebben ze zich zeker vervijfhonderdvoudigd. Maar in diezelfde bloempot had ik het jaar dáárvoor een zaadje uit Fukushima geplant. En uit dat zaadje groeide een enorme (ruim 2,5 meter) Japanse mosterdplant die het lievelingseten blijkt van de escargots. De culinair ingestelde lezer zou nu op kunnen merken dat er een bijzonder gerecht te maken valt van de inhoud van mijn bloempot, maar nogmaals: ik wil de slakken niet eten en die Japanse mosterdplant is zo prachtig, vol gele bloemen, dat ik die ook liever gewoon (onaangevreten) laat staan.

Nu zijn slakken nachtdieren die zich overdag doorgaans verstoppen in donkere hoekjes, zoals de achterkant van mijn bloempot en in de groeven van mijn tuinbank, naast de bloempot. Dus de enige keren dat ik ze met heel veel tegelijk van de gele blaadjes zag eten, waren ’s nachts, bij thuiskomst, tijdens de twee weken durende slutty summer. Ik plukte ze dan uit de mosterdplant en zette ze een meter of tien verder uit in een perkje.

Maar dit weekend regende het zo flink dat ze overdag al tevoorschijn kwamen. Mijn stoep transformeerde tot een slakkenmassa-event.

Opnieuw verplaatste ik de slakken naar hetzelfde perkje. Mezelf afvragende of die van de vorige weken zouden zijn teruggekropen naar mijn mosterdplant, of dat dit gewoon weer andere slakken waren. Dus ik besloot ze te markeren. Dit geeft mij informatie over de gang van deze escargots en het ziet er ook nog vrolijk uit (ik bestippelde ze met nagellak). Niets bijzonders, want ik versier al jaren slakken en heb daar zelfs tentoonstellingen mee gemaakt: tuinen waarin soms wel een paar duizend versierde slakken kropen met als titel ‘Save the snails’. Slakken zijn namelijk voor de meeste mensen ongedierte en dienen vergiftigd te worden met korrels die je gewoon in een tuincentrum kan kopen. Totdat je ze versiert en je ze daardoor van elkaar kan onderscheiden. Dan wordt het ineens heel makkelijk om allerlei menselijke eigenschappen op een slak te projecteren. En dan moeten ze gered worden.

Dat laatste was ik even vergeten toen ik een filmpje van mijn bestippelde slakken op sociale media deelde. Zoals ik al schreef, lang verhaal, maar het gevolg is dat ik dood moet ‘want ik ben de allergrootste dierenbeul’. Nou ja, niets nieuws.

Terwijl de enige terechte kritiek zou moeten zijn dat ik met mijn reddingsactie mogelijk een inheemse soort (flora en fauna) onderdeel van de Amsterdamse stadsnatuur heb gemaakt. ­Sorry daarvoor.

Tinkebell schrijft elke week een column in Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden