Column

In Paradiso doet de zwaartekracht wat hij wil

James Worthy Beeld Agata Nowicka

De eerste keer dat ik naar Paradiso ging, was ik veertien of vijftien. Of zestien. Ik was een buitengewoon gemiddelde jongen. Alleen goed in gym.

Voor Paradiso stond een lange rij. Iedereen zag er oud uit. Volwassen. Ik was de enige met gel in mijn haar.

De hele avond zat ik op de vierde tree van de trap in de hal. Ik weet nog dat er op een gegeven moment een meisje naast me kwam zitten. Ze was in alles te hoog ­gegrepen voor mij. Maar in Paradiso doet de zwaartekracht wat hij wil.

Stilzittend zweefde ik naar haar toe en strekte mijn armen. Toen ik mijn armen weer terug naar mijn lichaam bracht, zag ik dat ze haar telefoonnummer op mijn hand had geschreven. Onder het nummer stond: 'Je bent leuk, maar veel te jong voor me. Bel maar niet.'

Ik fietste door het Vondelpark naar huis, konijntjes sprongen het gras wakker, en toen ik thuis was, belde ik haar. Ze nam niet op. Ik sprak een boodschap in op haar antwoordapparaat. Daarna belde ik nog een keer om mezelf in een nieuw bericht te verontschuldigen voor het feit dat ik haar op dit tijdstip had gebeld.

Maar toen was ik nog niet klaar. Nee, ik belde nog een keer om mijn excuses weer in te trekken. Sommige meisjes zijn te leuk om niet op te bellen. Maar ze belde niet terug. De dagen erna heb ik haar telefoonnummer van mijn hand af gehuild.

Paradiso bestaat vijftig jaar. Dus ik denk terug aan alle avonden en nachten die ik ben vergeten. Al die keren dat ik met mijn vrienden de zaal binnenliep of buiten op iemand wachtte die uiteindelijk met iemand anders naar buiten kwam gelopen.

De gebroken harten en de drank die alles lijmde. De plastic bekers met krassen erin. En alle optredens. MF Doom in 2010, Chase & Status in 2009, Sufjan Stevens in 2005, The Opposites, Jill Scott, Adele, Laura Marling, The Low Anthem, Villagers en Cypress Hill.

Maar wie er ook op het podium staat, het gebouw zelf is de enige echte superster. Veel mensen noemen Paradiso een poptempel, maar een tempel is een gebouw waar goden vereerd worden. Paradiso is iets heel ­anders. Paradiso is een gebouw dat we als een god vereren. En het is een gulle god.

Als je binnenkomt, stagedivet het verleden zo je borstkas in. Iedereen heeft er gestaan en iedereen heeft er iets achtergelaten. Als het boven Paradiso onweert, dan bliksemt het Bowie en als het boven Paradiso regent, dan zijn de druppels paars.

Kijk, Kurt Kobain schuilt in een hoekje op het allerhoogste balkon. Amy Winehouse rookt een sigaretje bij de gracht in de zon. Paradiso, de plek waar het allerhoogste vaak begon.

Gefeliciteerd, Paradiso. Ik houd van je.

Je bent de enige kerk ter wereld die een god is geworden.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

james@parool.n

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden