Plus Column

In de nieuwe eeuw is het grote geld heer en meester

Patrick Meershoek Beeld Maarten Steenvoort

Amsterdam heet een barmhartige stad te zijn, maar voor de mensen met veel geld was het in de vorige eeuw knarsetanden in deze stad. Zij hadden weliswaar de middelen om het leven te leiden zoals zij dat wensten, maar kregen daarvoor van hogerhand slechts in beperkte mate de mogelijkheid.

Een machtig verbond van een sociaaldemocratisch stadsbestuur en sociaal bewogen woningcorporaties bepaalde dat de beschikbare ruimte vooral moest worden gebruikt voor de huisvesting van mensen met een beetje geld of met weinig geld.

Alleen met veel pijn en moeite werd er af en toe een stukje Amsterdamse grond beschikbaar gesteld voor de bouw van villawoningen.

Dat was natuurlijk om gek van te worden. Waar lotgenoten met een vergelijkbaar saldo op de bankrekening heerlijke huizen bewoonden in Wassenaar en Bloemendaal, moesten de gefortuneerde Amsterdammers met lede ogen toezien hoe de grote uitbreidingsplannen in Zuid en West werden opgevuld met relatief kleine, gestapelde woningen.

Inmiddels zijn we aan een nieuwe eeuw begonnen, en alles wijst erop dat het ditmaal de beurt is van het grote geld om de stad naar zijn hand te zetten.

De komst van het eerste stadsbestuur sinds mensenheugenis zonder sociaaldemocraten aan boord werd vier jaar geleden gevierd als een bevrijding, en ondanks de komst van een nieuw links college duurt dat feest nog steeds voort.

Ontdaan van ideologische belemmeringen heeft het grote geld een vliegende start gemaakt. Het onroerend goed in de stad is in korte tijd onroerend goud geworden, en van elke vierkante meter grond wordt tegenwoordig bekeken hoe daar een maximaal rendement uit kan worden gehaald. Er wordt verschrikkelijk veel geld verdiend in en aan de stad.

Wat Amsterdam daarvoor terugkrijgt, zal de toekomst uit­wijzen.

Zal de stad over vijftig jaar een trits particuliere scholen, zwembaden en klinieken hebben voor de mensen die zich die luxe kunnen permitteren?

Zullen er filantropen opstaan die opdracht geven om in minderbedeelde delen van de stad mooie speeltuinen voor de kinderen aan te leggen?

Waar we zeker op kunnen rekenen, denk ik, is de komst van een tegenbeweging als het met de stad helemaal verkeerd dreigt te gaan. In de jaren zestig van de vorige eeuw waren het de provo's die met veel creativiteit, activisme en humor een verstarde en regenteske stijl van besturen om zeep hielpen.

Zal dat over vijftig jaar weer kunnen lukken, als het grote geld Amsterdam toch niet gelukkig blijkt te maken? En met welke middelen zal dat dan gebeuren?

Koosje Koster joeg in 1966 de autoriteiten de stuipen op het lijf door tijdens een happening op het Spui krenten uit te delen. Om in deze eeuw hetzelfde effect te bereiken, zal haar opvolger vermoedelijk bitcoins moeten rondstrooien.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden