Lezersbrief

‘In de kunstwereld lijkt sprake van een cultuur die wangedrag beloont en in de hand werkt’

Edo Dijksterhuis en Kees ­Keijer nemen in Het Parool van zaterdag stevig stelling tegen de cancelcultuur die zij menen waar te nemen in de kunstwereld. Maar is er wel sprake van een cancelcultuur? Of is er juist eerder sprake van het goedpraten van wangedrag in de kunstwereld, schrijft Peter van de Wijngaart.

Werk dat na ophef werd gecanceld: Destroy My Face van Erik Kessels. Beeld Erik Kessels
Werk dat na ophef werd gecanceld: Destroy My Face van Erik Kessels.Beeld Erik Kessels

Prominente voorbeelden die de auteurs in het artikel geven, zijn kunstenaars die zich schuldig hebben gemaakt aan verkrachting, mishandeling en kindermisbruik. Heeft de redactie zich niet afgevraagd of het met die cancelcultuur allemaal wel meevalt als dát de voorbeelden zijn die je moet gebruiken?

Het voelt alsof Dijksterhuis en Keij­er vinden dat het maken van kunst een get out of jail free card is. De verslaggevers vinden het blijkbaar al cancelcultuur als mensen geen kunst willen kopen of bekijken van verkrachters, mishandelaars en kindermisbruikers.

Wat je doet met kunstwerken als blijkt dat de makers ervan zich misdragen, is natuurlijk een relevante, maar ook een lastige vraag. Is het namelijk mogelijk kunst te zien los van de persoon van de kunstenaar? Is het mogelijk kunst met jonge meisjes los te zien van het gedrag van een kunstenaar die jonge meisjes heeft misbruikt? Is het mogelijk het succes van een kunstenaar los te zien van mishandeling en verkrachting als de kunstenaar zijn succes mede te danken heeft aan zijn imago van bad boy?

Het wangedrag van Juliaan Andeweg waar het artikel mee begint, lijkt hem geen windeieren te hebben gelegd. Zijn imago als bad boy droeg bij aan zijn succes, wat nou cancelcultuur!

Het probleem is wat mij betreft niet de cancelcultuur, maar het goedpraten van wangedrag omdat dat een kunstenaar zo lekker alternatief maakt. In plaats van een cancelcultuur lijkt er in de kunstwereld eerder sprake van een cultuur die wangedrag beloont en in de hand werkt. En laten we wel wezen, de meeste kunstenaars die in het artikel worden genoemd zijn nog steeds uitermate succesvol.

Uiteindelijk gaat het bij discussies over kunst en bij maatschappelijke discussies vaak over de vrijheid van meningsuiting. Die vrijheid is een groot goed, maar geen enkele vrijheid is onbeperkt. De vrijheid van meningsuiting vrijwaart niemand van kritiek, is geen vrijbrief om te beledigen en al helemaal geen vrijbrief voor schending van de wet. Ik vind het jammer dat de auteurs van het artikel die essentie van vrijheid volstrekt hebben gemist.

Peter van de Wijngaart, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden