Opinie

Imam Yassin Elforkani: ‘Waarheidsvinding in het geding bij mini-enquête’

Yassin Elforkani voelde zich eenzaam en slachtoffer tijdens de openbare verhoren in de mini-enquête naar buitenlandse financiering van moskeeën. 

De Utrechtse imam Suhayb Salam tijdens zijn verhoor door Kamerleden in de mini-enquête. Beeld Bart Maat/ANP

Wat heb ik me eenzaam gevoeld gedurende de weken van de openbare verhoren in de mini-enquête naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding van islamitische instellingen.

Ik ben gewend mensen en groepen in onze samenleving te verbinden. Dat zie ik als mijn taak, mijn missie. Maar door de verwikkelingen rond de mini-enquête groeide, ook in mijn directe omgeving, de spanning. Sommigen zeiden tegen mij: “Yassin, zie je wel dat de islam wordt aangevallen?”

Zij voelden zich slachtoffer en ik moet eerlijk bekennen: ik voelde me voor het eerst ook een slachtoffer. En dat terwijl mijn religie me juist inspireert om vanuit mijn talent te acteren. Om géén slachtoffer te zijn.

Haat

Maar helaas: ik voelde me dus wel degelijk een slachtoffer, begon verdriet en zelfs haat te produceren, merkte aan mezelf dat ik de hoop waar ik altijd in heb geloofd, kwijt aan het raken was. In mijn mediaoptredens begon ik steevast vanuit het defensief te praten: dat onze moskeeën juist de verbinding zoeken, dat buitenlandse financiering op zichzelf geen slechte zaak is, dat wij altijd transparant zijn en dat er totaal geen bemoeienis is van wie dan ook… Ik reageerde verongelijkt en was kritisch op Kamerleden in de commissie die vooral vanuit een sterke profileringsdrang acteerden, hun huiswerk niet goed hadden gedaan. Ik was uit mijn doen, want normaal zoek ik altijd de verbinding.

Islam aangevallen

Maar eerlijk is eerlijk: de schrik sloeg me om het hart toen ik de reacties op de sociale media voorbij zag komen. Uitingen zoals ‘alle moslims moeten opdonderen’, of: ‘al die haatpaleizen sluiten’, maar ook oproepen binnen de islamitische gemeenschap dat ‘we’ ons moeten organiseren omdat ‘nu duidelijk wordt’ dat de islam aangevallen wordt.

In beide ‘kampen’ voelden veel mensen zich kennelijk slachtoffer. Maar intussen weet ik zeker dat achter die computerschermen ook veel eenzame mensen zaten, mensen die dachten: hoe kan ik nu nog gaan verbinden als er, over en weer, zo veel mensen zich slachtoffer voelen?

Een parlementaire enquête is het zwaarste onderzoeksinstrument van de volksvertegenwoordiging. Van getuigen en deskundigen die worden opgeroepen, mag een grondige voorbereiding en medewerking worden verwacht. Maar van de betrokken Kamerleden mag ook grote deskundigheid en nuance worden verwacht. In dit geval heb ik niet het idee dat de parlementariërs aan die verwachtingen hebben voldaan.

Commissieleden hebben zich mee laten sleuren in de emoties, waardoor de waarheidsvinding in het geding kwam. Een aantal opgeroepen moskeebestuurders schrok enorm van de druk die ze hebben ervaren tijdens de ondervragingen.

De vraag die nu beantwoord moet worden is: wie is hiermee geholpen? Hebben we nu beter inzicht gekregen in de manier van financiering van moskeeën? Is er sprake van ongewenste buitenlandse beïnvloeding? Deze mini-enquête schept hierover geen duidelijkheid. In plaats daarvan leidt het tot een versterking van de extremen.

Nog complexer

Voor mijn gevoel is het vraagstuk van buitenlandse financiering alleen maar complexer geworden. Wie durft nu nog na al deze verhoren genuanceerd te zijn? Zelfs het kabinet heeft direct na het laatste verhoor een brief naar de Tweede Kamer gestuurd, waarin het stelt buitenlandse financiering te willen verbieden uit onvrije landen. Welke landen dat nou precies zijn, daar mogen we met z’n allen over speculeren.

Zelden was de behoefte aan ‘verbinders’ zo groot. Maar verbinders zijn per definitie eenzaam en wie durft nu, na al deze verhoren, nog genuanceerd te zijn?

Ik wil die rol (weer) op mij nemen. Maar ik heb andere verbinders nodig. Wie komt (mij) helpen? Wie kan ik helpen?

Yassin Elforkani, hoofdimam van de Blauwe Moskee in Amsterdam.Beeld Jitske Schols
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden