Plus Column

Ik zwem een paar baantjes en bedenk me dat ik mezelf steeds beter leer kennen

Pepijn Lanen Beeld Corné van der Stelt

De grote, witte auto staat waar ik hem net schofterig heb geparkeerd om te verbloemen dat ik niet zo sterk ben in parkeren. We doen boodschappen en laten plakjes ham snijden en dan blijkt Blake's Spaans beter dan dat van mij want hij heeft ineens een plakje in achtereenvolgens zijn hand en mond en ik sta er maar een beetje bij terwijl ik ook wel een plakje ham had gelust.

Ik drink een idioot sterke koffie op het pleintje in de brandende zon zonder zonnebril op. Mijn vrouw doet hetzelfde maar dan met zonnebril en heeft nergens last van.

Ik koop een grote, rubberen octopus bij de Chinese supermarkt om iemand tot acht te leren tellen en we zitten met zijn allen op het trapje van het zwembad in het water omdat het toch een beetje eng is.

Ik maak alvast chili met kalkoengehakt voor vanavond zodat ik dat straks niet meer hoef te doen. Ik drink nog meer idioot sterke koffie, waarschijnlijk omdat ik gek geworden ben. Ik heb de hele dag nog niet op mijn telefoon gekeken.

Op een groot vel papier tekenen we samen krokodillen en ik kom er achter dat ik wel weet hoe ik de koppen moet tekenen, met de ronde neusgaten en rijen karteltanden, maar dat de rest van het lichaam een raadsel voor me is. Ik teken de poten te kort en de staart in een krul, als van een aap. Geen idee waarom ik dacht dat dat oké was.

Er zijn allemaal puppies en andere honden bij het huis en Blake vindt ze eng. Ik zeg hem dat ze alleen maar met hem willen spelen en dat ze heel lief zijn en dat hij bovendien niet bang hoeft te zijn omdat papa bij hem is en hij nooit bang hoeft te zijn als ­papa en mama bij hem zijn en het geeft me een ­oneindig goed gevoel om dat te zeggen en te kunnen menen.

Ik krijg de gigantische auto in zijn achteruit zonder in paniek te raken en doe push-ups achter het huis en geen pull-ups. We luisteren João Gilberto en spelen met babypanda en babytijger en dragen matching navy pulloverhemden met pinstripe en slangen achterop.

Ik zwem een paar baantjes en bedenk me dat ik mezelf steeds beter leer kennen. We rijden langs de geitenboerderij en iemand wordt uitzinnig op de achterbank. De steile weg het pad af is een stuk minder steil in de auto dan wanneer we het rennen of met de fiets gaan. Roest is herrumbre in het Spaans.

Ik loop met Blake door de poort naar ­buiten. Het ligt er bezaaid met kiezelstenen en hij neemt elk stapje heel voorzichtig en berekenend als een astronaut die voor het eerst uit de raket komt en vanaf het trapje het maanoppervlak betreedt. Hij heeft geen broek aan want dat hoeft niet. Het is nog licht buiten maar toch voel ik de maan, die ons beschermt in de hemel hoog boven ons.

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden