Natascha van WeezelBeeld Agata Nowicka

Ik zag ons in mijn fantasie al samen op vakantie gaan

PlusNatascha van Weezel

Het was een paar maanden uit met mijn vriend en ik vond dat het weer tijd werd om te gaan daten. Dus installeerde ik Tinder op mijn telefoon. Het voordeel van deze app is dat je lekker thuis op de bank zit met een make-up-loos hoofd en toch gewoon kunt swipen. Ergens voelde het als een nederlaag: nog geen anderhalf jaar eerder verwijderde ik dezelfde app, omdat ik daar een leuke man had ontmoet. En nu bleek ik opnieuw overgeleverd aan het digitale datinggeweld.

“Ben je hier al aan toe?” vroeg een van mijn beste vriendinnen. “Wat is je motivatie eigenlijk?” Geërgerd wuifde ik haar goedbedoelde adviezen weg. Een beetje afleiding kon toch geen kwaad? Ik hoefde echt niet ­meteen de vader van mijn kinderen te ontmoeten.

Ik kon toch gewoon ‘aan mezelf werken’ en op hetzelfde moment verdergaan met mijn leven? Moest ik dan voor eeuwig blijven hangen in het verdriet om een mislukte relatie?

Het vreemde was dat ik via deze app met allerlei mannen in gesprek raakte en me tegelijkertijd behoorlijk eenzaam voelde. Het blijft een raar medium: inwisselbaarheid is de standaardmodus, terwijl ingewisseld worden het laatste is wat je wil in een liefdesrelatie. Ook werd ik onzeker wanneer ik iemand had ‘geliket’ en hij me niet terug ‘likete’; alsof ik binnen een mum van tijd bevangen raakte door een constant verlangen naar bevestiging.

Na tientallen doodgelopen gesprekken en de daarbij behorende irritante opmerkingen (‘Waarom typ je niets terug, journalist? Ik dacht dat je zo goed kon schrijven’, of: ‘Zo hé, jij ziet er exotisch uit’) was daar opeens een man die me écht interessant leek. Zonder elkaar ooit te hebben gezien, bleken we een enorme klik te hebben. We wisselden nummers uit en begonnen fanatiek te appen. Daarna belden we urenlang. Ik werd met de dag vrolijker en zag ons in mijn fantasie al samen op vakantie gaan – bij wijze van spreken dan.

Een week na onze digitale ontmoeting kwam het tot een eerste ‘live’ afspraakje. Gek genoeg merkte ik ­meteen dat er een soort ongemakkelijkheid in de lucht hing. Aan het einde van de avond zoenden we alsnog en bleef ik verward achter. De volgende ochtend stuurde hij me een berichtje met de mededeling dat hij het gezellig had gevonden, maar me niet meer hoefde te zien. Ik voelde me leeg en een beetje vies. Alsof ik gedumpt werd door iemand van wie ik zélf helemaal niet wist of ik hem nou zo leuk vond.

Tinder staat nog steeds op mijn telefoon, maar voortaan wacht ik even met mijn idiote fantasieën totdat ik iemand in het echt heb ontmoet.

Natascha van Weezel (33) is journalist. Elke dinsdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden