Maarten MollBeeld Sjoukje Bierma

Ik wist zeker dat deze AKO mijn geluks­adres was

PlusMaarten Moll

Nu weer de AKO.

Die op het Christiaan Huygensplein. De dierenwinkel – “mogen we een hamster?”– is al een tijd weg. En de kaasboer, die altijd optimistische man in die veel te grote winkel, heeft het ook niet gered.

Intertoys. Urenlang geduldig met de meiden voor het schap met de doosjes Polly Pocket en Littlest Pet Shop gestaan.

Dierenwinkel – “Aaaahhh, waarom mogen we geen hamster?”– en kaasboer en speelgoedwinkel. Geen traan om gelaten.

Maar de AKO? Permanent gesloten? Dat is andere koek.

Niet per se vanwege de boeken, want van de literatuurpolitie mag je bij de AKO geen boeken kopen. (Toch een paar keer gedaan. En nou?) Nee, vanwege dat maandelijkse moment. Dat moment dat alles anders kan maken.

Het kopen van een staatslot. Altijd bij de AKO op het Christiaan Huygensplein.

Altijd.

“Een heel lot?”

Ferm: “Ja!”

“Met XL?”

Borst vooruit: “Ja!”

“Voorkeur voor een begincijfer?”

Achteloos, maar gedecideerd: “Nee hoor.”

De mevrouw of meneer die het lot in een oranje, kleine envelop wurmt. De envelop die naar mij toe wordt geschoven. Nog niet aanraken. Eerst betalen. Die volgorde is heel belangrijk. Dan het lot, altijd oppakken met de linkerhand, in de binnenzak steken. En boodschappen doen.

Dat boodschappen doen na het kopen van een staatslot is gevaarlijk. Maar ook geweldig. Het zijn de duurste boodschappen van de maand.

Nooit het lot uit de envelop halen om te kijken met welk cijfer je lotnummer begint. (Om de een of andere reden hou ik niet van het cijfer 8, maar geen idee waarom.) En dan het lot negeren. Naast de radio op de keukentafel tussen de andere post stoppen.

De trekkingsdatum: ook negeren. De spanning rustig op laten lopen, luchtkastelen die er torens en ophaalbruggen bijkrijgen, pas een paar dagen later de envelop tussen de post vandaan halen. Niemand in de buurt. Muziek uit. Lot uit de envelop halen, met de rechterhand. Naar Teletekstpagina 550.

Stond ik daar een paar dagen geleden voor een AKO die niet meer bestond.

Paniek. Want ik wist zeker dat deze AKO mijn geluks­adres was. Deze kleine winkel, waar ik vorig jaar in de uren voor het heerlijk avondje en in hoge nood toch nog groen karton vond voor een surprise.

De winkel was al leeggehaald. (Dat je dan toch vlak voor de gesloten deur gaat staan en denkt dat als je even met je ogen knippert, de situatie weer wordt als voorheen.)

Dan koop je dat staatslot nu toch gewoon ergens anders?

Gewoon ergens anders. Zo werkt bijgeloof niet. (Heb ik al eens verteld wat er gebeurde toen ik per ongeluk het verkeerde hemd onder mijn voetbalshirt droeg tijdens een belangrijke degradatiewedstrijd?)

Dat wordt uren dubben over een nieuw, vast adres.

Misschien wordt het wel een Bruna.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden