Maarten Mol Artikel Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Mol ArtikelBeeld Sjoukje Bierma

‘Ik wilde natuurlijk niet vertellen wat ik voor die wijn had betaald’

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

De zon had er zin in en zette het terras van De Eland vol in het licht.

Ik zat met E. aan een tafeltje tegen het raam. We hadden het over die vakantie in Italië, lang geleden, toen hij een paar dagen op bezoek kwam op de camping waar we stonden. Hij had in een supermarkt een heel klein tentje gekocht waar zijn voeten uitstaken. Op een ochtend werd hij helemaal bedekt met mieren wakker.

“In oktober vond ik nog mieren tussen mijn spullen,” zei hij.

Voor ons kwamen twee mannen aan een tafeltje zitten. Zwarte T-shirts, en bruine, strakgetrimde baarden als golfgreens waarop je prima kon putten.

“Nee, geen wijn. Ik drink nooit wijn in een café,” zei de ene.

“Snob,” zei de andere guitig.

Ze lachten uitbundig. De ene ging binnen bier halen, en toen hij weer zat, gingen ze elkaar verhalen vertellen. Net te hard om er niet naar te luisteren. Kleine geschiedenissen waarvan er zo veel zijn.

Eerst over een boot die lekte. Daarna over een roman met een onwaarschijnlijk goede plot die ze beiden hadden gelezen.

En toen, nadat ze weer eens met hun glazen bier hadden geklonken, over wijn.

“Dus,” zei de ene, “haalde ik bij dat mannetje in West dat doosje rood uit Slovenië.”

“Onderschat wijnland,” zei de andere.

“Merlot,” zei de ene. “Ja, ik weet dat je nu gaat vragen of ik Sideways heb gezien, waarin ze merlot afzeiken…”

“Ga verder,” zei de andere.

“Ik had een flesje voor je mee willen nemen om dat cliché voor eens en voor altijd te ontkrachten.”

“Had?”

“Er waren nog twee flessen over. Ik had ze een beetje onopvallend in het wijnrek gezet, omdat ik Sandra niet wilde vertellen hoeveel geld ik voor dat doosje had betaald. En eergisteren dronk ik een paar glazen uit de een-na-laatste fles. En toen dacht ik: die laatste fles is voor Robbie, zo lekker was die wijn.”

“Je hebt niets bij je zie ik,” zei de andere ietwat spottend.

“Ik kom gisteravond thuis, ik wil die aangebroken fles pakken, want ik had me de hele middag al verheugd op een glas van die fantastische wijn…”

“Ja?”

“Fles weg. Dus ik vraag aan Sandra of ze weet waar die fles is gebleven.”

De man stopte even met praten om een grote slok bier te nemen.

“En?” vroeg de andere ongeduldig.

“Ze had die middag haar beste vriendin op bezoek. En die had wel zin in een wijntje. Dus Sandra pakt die fles merlot. Ja, zei ze, want het is toch zonde om een nieuwe fles te openen, en ik drink nooit zo vroeg in de middag.”

“En die vriendin heeft die fles leeggedronken?”

“Het wordt nog mooier. Erger, kun je beter zeggen, want die vriendin vond die wijn zo lekker dat Sandra haar die andere fles heeft meegegeven…”

“Nee! Dat meen je niet?” zei de andere, en hij sloeg een hand voor zijn mond.

“En heel boos kon ik niet worden, want ik wilde natuurlijk niet vertellen wat ik voor die wijn had betaald. Je kent Sandra.”

“Ja,” zei de andere deemoedig, en hij tuurde in zijn bierglas, “ik ken Sandra.”

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden