Theodor HolmanBeeld Artur Krynicki

Ik wil huilen en vrolijk zijn tegelijk

PlusTheodor Holman

In de Falckstraat laat zij ook haar hond uit.

Onze honden snuffelen aan elkaar en wij houden, in verband met het virus, keurig afstand. Ze is mijn leeftijd.

“Naar hè, dit alles,” zeg ik, want soms weet ik domweg niks te zeggen.

“Het is krankzinnig,” zegt ze, “ik weet me geen raad met mijn gevoel. Mijn man is anderhalve maand geleden overleden en eergisteren werd ik voor de derde keer grootmoeder en ik mag mijn kleinkind niet zien. Ik moet wachten.”

De honden vinden elkaar niet interessant, maar ik kan niet doorlopen.

“Ik wil u er niet mee lastigvallen, maar al die dingen liggen voor in mijn hoofd,” zegt ze. 

“Mijn zoon heeft zijn zoon nu ook naar Ton genoemd, mijn man. Dat is heel lief natuurlijk, maar dan krijg ik een foto van het scharminkeltje waaronder staat: ‘Dit is Ton.’ Maar mijn Ton is dood. Dan weet ik niet of ik ver­tederd moet zijn of verdriet moet hebben. Soms heb je gevoelens waar je je geen raad mee weet. Nou, zulke gevoelens heb ik nu.”

“Gecondofeliciteerd,” zeg ik en ik schaam me voor de woordspelerigheid.

Maar ze zegt: “Zo is het precies. Ja, dat is een goed woord. Gecondofeliciteerd. Ik wil huilen en vrolijk zijn tegelijk, ben droef en dankbaar, boos en blij. Daar zijn geen woorden voor. Waarom is Ton gestorven? Net nu? Net met dat virus? Net nu hij weer groot­vader zou worden. En waarom mag ik mijn kleinkind niet in mijn armen houden? Ik weet het antwoord, maar ik blijf die vragen en honderd andere vragen maar in mijn kop herhalen. Daar draaien ze maar rond, ze kunnen niet ontsnappen.”

“Laat blijheid over je kleinkind overheersen,” zeg ik.

“Ja… Maar denken aan mijn kleinkind is denken aan de dood. Als hij maar geen virus krijgt, als zijn ouders maar niks krijgen. En dan denk ik aan Ton en dan word ik ook woedend. Niet op hem, maar op mezelf, omdat de ene mooie herinnering na de andere door me heen spoelt. Dat zijn gedachten waardoor ik nog droeviger word, maar waardoor ik ook weer dankbaar raak en die me soms ook gelukkig maken. En als ik dan per ongeluk gelukkig ben, zo ervaar ik dat, voel ik me schuldig.”

Ze zwijgt even en zegt: “Ik wil dat het weggaat. Maar wat is het? Het… duurt nog even, ben ik bang.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Lees ook:

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden