Nico Dijkshoorn. Beeld Artur Krynicki
Nico Dijkshoorn.Beeld Artur Krynicki

Ik wil alleen stemmen op een partij die zo klein mogelijk blijft

PlusNico Dijkshoorn

Ik ga op een partij te stemmen die zo klein mogelijk wil blijven. Waar ze voor staan, dat maakt me niet zoveel uit. Als ze maar gewoon blijven vinden wat ze vinden en niet opeens meebewegen vanuit tactische overwegingen.

Ik heb nooit begrepen dat je per verkiezingen vindt wat de meeste stemmen oplevert. Achthonderd mensen die ongeveer hetzelfde vinden, daar zou ik goed mee kunnen leven, maar als meer dan 100.000 mensen ongeveer gaan vinden wat ik vind, dan weet ik genoeg: ik zit verkeerd. Wegwezen.

Veel mensen die tegelijk ongeveer hetzelfde vinden, daar krijg ik tot nu toe geen warm gevoel bij. Slechts één keer liep ik mee in een demonstratie en dat beviel slecht. Het was de grote demonstratie op het Museumplein tegen kruisraketten. Ik keek om mij heen, ik zag een man op het podium zijn vuist omhoog doen, ik hoorde duizenden kelen tegelijk, er werd gedanst op het geluid van een didgeridoo, je kon T-shirts kopen en ik dacht: van mij mogen ze er nu één gooien, ongeveer dertig meter naast het Rijksmuseum.

Ik zag daar live voor het eerst wat zogenaamde verbondenheid doet met politici: ze willen vaker op zo’n podium staan. Dan wordt het gevaarlijk. Daarna heb ik nooit meer gedemonstreerd. Ik kon dat niet meer aan mezelf uit­leggen, dat ik met een rare muts op mijn hoofd heel blij een slecht rijmend lied stond te zingen voor een onderbetaalde Chinees in een spijkerbroekenfabriek.

Het werd me te gezellig allemaal.

Daarom wil ik alleen nog maar op een partij stemmen die het liefst zo weinig mogelijk leden heeft. De Partij Voor Grote Mosselen. Dus dat als je een zak met grote mosselen koopt, dat ze dan ook echt groot zijn en dat er dus niet weer 36 tussen zitten die lijken op een donororgaan voor een veldmuis. En daar dan echt voor staan. Niet opeens De Partij Voor Middelgrote Mosselen worden, omdat je dan doorgroeit naar 23 leden.

Nee, gewoon blijven vinden wat je ooit vond en niet verlangen naar een podium. Erop durven vertrouwen dat op een gegeven moment de grote mossel weer sexy wordt. De PvdA zou zo een partij moeten worden. Geduldig wachten tot anderen gaan vinden wat jij ook vindt.

Als dat uitblijft niet opeens zeggen: “Rood, is dat niet eigenlijk een heel ouderwetse kleur?” Nee, hopen dat je nog kleiner wordt en dan ­volhouden. Met alles wat je in je hebt blijven vinden wat je ooit belangrijk genoeg vond om hartstochtelijk te verdedigen. Desnoods tot je verdwijnt.

Nico Dijkshoorn schrijft twee keer per week een column voor Het Parool, en spreekt zijn bijdragen ook in.

Reageren? n.dijkshoorn@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden