Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Ik waande me het kind van Jean-Paul Sartre en Harry Mulisch

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Toen ik nog overtuigd pacifist was, vond ik oorlog een religie. Ik schreef toen verhalen over de god Bom, die goddank nooit zijn gepubliceerd.

‘Bom is boos. “Dat kan ons niet bommen,” zeiden de mensen. Bom dacht: ik krijg jullie wel. Hij vernietigde de stad! Honderdduizend doden. “Mooi zo,” zei Bom de God.’

Ik waande me het kind van Jean-Paul Sartre en Harry Mulisch.

Twee gedachten houden me bezig: waarom was ik pacifist geworden en waarom nam ik daar na jaren afscheid van?

Op de lagere school en later op de middelbare school werd veel over de Tweede Wereldoorlog gesproken. Onze onderwijzers en leraren hadden de oorlog meegemaakt en vrienden en ouders verloren. Of ze hadden ondergedoken gezeten, net als de ouders van mijn klasgenoten. Al jong hadden we uitgedokterd: als je geen wapens gebruikt, kun je ook niemand doden. Dus als niemand wapens gebruikt, wordt niemand gedood. We waren naïef, maar het was iets om naar te streven.

“En als jullie vriend of vriendin door de Duitsers wordt aangevallen en jullie hebben een wapen, wat doe je dan?”

“Niets,” zeiden wij, “dan heeft het leven voor ons ook geen zin meer.”

Kinderlijke ethiek houdt van zulke grote gedachten en woorden. De god Bom ook.

Ik was al bijna dertig toen ik definitief afscheid nam van het pacifisme, zij het met moeite. Ik voelde me afvallig. Tegenover mijn vader heb ik nooit erkend dat ik het pacifisme had verlaten. Het was een overwinning die ik hem niet gunde – en daar heb ik nu spijt van. Of spijt... verdriet.

Traag ontdekte ik dat je fascisme en communisme niet bestrijdt met geweldloosheid als ze de macht hebben en de democratie willen afschaffen. Om de vrijheid heen moet je altijd tanks zetten, want het is zo waardevol dat anderen het altijd van je willen afpakken.

Poetin spreekt nergens over vrijheid. Hij toont het ook niet. Hij gelooft niet in democratie. Hij wil geen homo’s, tegen wie steeds meer wetten komen. Hij is agressief, moordzuchtig, autocratisch. En ongetwijfeld zal hij hetzelfde over ons beweren, met de toevoeging dat we decadent zijn, slap en daardoor gevaarlijk.

De sterkste moet dan maar uiteindelijk winnen. En daar betreden we het enge moeras waaruit de giftige gassen opborrelen: het is niet gezegd dat Oekraïne wint. Maar als Oekraïne verliest, verliezen wij. En dan moeten onze kinderen in de tanks gaan zitten die om onze vrijheid staan.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden