Theodor HolmanBeeld Artur Krynicki

Ik vroeg aan een tante of het kamp ook wel eens ‘leuk’ was

PlusTheodor Holman

Toen mijn ouders in 1947 vanuit Indië weer in Nederland kwamen, vertelde mijn grootmoeder meteen hoe erg zij de oorlog in Amsterdam had ervaren.

Toen mijn moeder over het kamp wilde verhalen, zei mijn grootmoeder: “Maar je had wel elke dag mooi weer, en de bananen en kokosnoten groeien daar aan de bomen.”

Kortom: mijn moeder moest niet zo zeuren. De échte oorlog was de oorlog in Amsterdam.

Zeuren heeft mijn moeder over de oorlog nooit meer gedaan.

Gisteren had ik grootmoederlijke gedachten toen ik hoorde dat er mensen nog veertien dagen extra in Tenerife vastzitten in een hotel dat ik goed ken. Onmiddellijk zag ik een van de zwembaden voor me, het eten, de drank en de heerlijke zon waar ik momenteel zo’n behoefte aan heb.

Lijden de Nederlanders daar?

Ik vroeg eens in het bijzijn van mijn moeder aan een tante van mij – want mijn moeder zeurde dus niet meer – of het kamp ook wel eens ‘leuk’ was.

“Ja hoor,” zei ze, terwijl mijn moeder onmiddellijk naar de keuken liep, “als de jap er niet was, zongen we liedjes uit onze kindertijd en deden we spelletjes, zoals hinkelen.”

Als kind vond ik dat beeld meteen angstig: volwassen vrouwen die Altijd is Kortjakje ziek zongen en in de aarde met een takje een hinkelbaan uitzetten.

Mijn moeder had de pest in dat mijn tante dit onthulde. Veel later vertelde ze: “We zongen en hinkelden om de angst te verdrijven. We waren altijd bang. Bang om geslagen te worden, bang voor ziekten waarvoor geen medicijnen waren, bang voor onze kinderen, bang voor onze mannen waarvan we niet wisten waar ze waren, ga zo maar door.”

En weer liep ze naar de keuken.

Hoe paradijselijk het nu misschien ook is in Tenerife, je wordt gekweld door onzekerheid. Onzekerheid is angst gepoederd met wat hoop. Maar niet te veel hoop.

En toch…

Als ik mijn laptop zou hebben, en lekker eten zou hebben, hoe lang zou ik het dan uithouden?

Laat ik eerlijk zijn, ik zou het vreselijk vinden. Ik heet namelijk eigenlijk Theodor Hypochonder Holman. Ik zou alle wakende uren met een thermometer in mijn mond zitten (ik had er vroeger zelfs één in mijn binnenzak), ik zou constant mijn handen wassen en kuchen om te kijken of ik wel normaal kuch.

Altijd is Kortjakje ziek, zou ik hinkelend schreeuwen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden