Femke van der Laan.Beeld Artur Krynicki

Ik vraag me af of hij op ­vakantie gaat dit jaar

PlusFemke van der Laan

De stoep aan de overkant van de straat is afgezet. Van de gevel tot aan de stoeprand. Iedereen die er langs wil, moet over de weg. Een man in een blauwe overall graaft een gat. Hij is al een eind op weg; ik kan zijn knieën niet meer zien en de hoop zand naast hem komt al tot voorbij zijn middel. 

Het gaat niet makkelijk. Niet zoals op het strand. De man moet zijn spade steeds een paar keer in de grond steken voor hij een schep zand op de hoop kan gooien. De grond onder de stad is hard.

Vanmorgen zocht ik een vakantie. Eventjes. Ik zag plaatjes van stranden, van zeeën in het zonlicht, voelde een moment hoe ik mijn tenen in het zand zou steken, hoe ze erin zouden verdwijnen, zonder dat ik kracht hoefde te zetten. Daar bleef het bij.

De plek waar de man graaft, is afgezet met een oranje net. Hij heeft zijn eigen strandscherm. Ik vraag me af of hij op ­vakantie gaat dit jaar. Telkens als hij zand op de hoop gooit, kan ik even zijn gezicht zien. Het zou best kunnen dat hij kinderen heeft. Jonge kinderen nog. 

Kinderen die gaten willen graven op het strand. Zo diep mogelijk. Tot aan de andere kant van de ­wereld. Ik hoor hoe ze aan hem vragen waar ze uitkomen als ze doorgraven. 

Vanuit zijn strandstoel achter het scherm roept hij terug: “Bij Australië in de buurt!” Misschien graaft hij wel even mee. Op weg naar Australië. Doet hij voor hoe je het ­beste een schep in de grond steekt. Zo. En dan een beetje wrikken. Zie je wel? Dan komt het los.

De man staat stil in het gat. Hij maakt zichzelf iets langer, recht zijn rug. Met zijn ogen volgt hij de mensen die langs de ­afzetting lopen. Misschien gaat hij wel nooit naar het strand, vanwege al dat zand. Hij heeft al genoeg gaten gegraven in de stad. Hij gaat liever kamperen in het bos. Of naar een huisje met een betegelde tuin.

De man hakt verder. Hij heeft de bovenkant van zijn overall naar beneden gedaan en de mouwen vastgeknoopt om zijn middel. Er steken bruine armen uit zijn T-shirt. Ik ben benieuwd hoelang hij doorgaat. Waar hij naar op weg is. Kabels. Leidingen. Australië.

Even hoop ik dat zijn spade de waterleiding raakt. Dat er straks een fontein de lucht in spuit. Zodat er iets gebeurt. Maar dat is niet nodig. Er gebeurt alweer genoeg in de stad. Op de harde grond. Soms zelfs te veel.

Femke van der Laan is journalist. Wekelijks schrijft ze een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden