Natascha van Weezel. Beeld Artur Krynicki
Natascha van Weezel.Beeld Artur Krynicki

‘Ik vond het mooi wat u zei over discriminatie,’ zegt Mounir. ‘Wij worden ook gediscrimineerd’

PlusNatascha van Weezel

Natascha van Weezel

De tribune van openbare basisschool De Kaap in de Transvaalbuurt zit vol. Vooral groep 8 is goed vertegenwoordigd. Vandaag wordt hier het eerste plakkaat van het project ‘Verdwenen Joodse scholen’ geplaatst. In totaal komen er 44 plakkaten door heel Amsterdam, op alle adressen waar tussen 1941 en 1943 een (verplichte) Joodse school was.

Het project is een idee van Aart Janszen. Als jongen groeide hij op in Betondorp, inmiddels is hij 84. Zijn vader Lau was docent tijdens de oorlog en had in juli 1941 geweigerd de Joodse leerlingen in zijn klas aan te geven. Daarvoor werd hij geschorst. Pas aan het einde van zijn leven vertelde hij daarover. Aart verdiepte zich in de verdwenen Joodse scholen en besloot dat ze allemaal zichtbaar moesten worden.

De opening wordt verzorgd door de directeur van De Kaap. Hij legt zijn leerlingen uit dat Joodse kinderen en docenten vanaf 1941 werden geweerd uit het Amsterdamse openbare onderwijs, een van de maatregelen waarmee de Duitse bezetter Joden isoleerde. Hij voegt daaraan toe: “Eigenlijk wil ik het woord ‘verdwenen’ niet gebruiken. Je bent namelijk pas verdwenen als niemand meer over je praat.”

Terwijl ik naar voren loop om een paar woorden te zeggen, zie ik dat er geen enkele leerling in de zaal zit zonder migratieachtergrond. Ze luisteren aandachtig naar een verhaal over mijn oma. Als jong meisje werd zij gedwongen om naar de Joodse Mulo aan de Weteringschans te gaan. Ook vertel ik over alle stappen die kwamen vóór de concentratiekampen en de gaskamers: discriminatie, propaganda, uitsluiting...

Twee zenuwachtige leerlingen kruipen achter de microfoon, ik vermoed een jongetje met Turkse en een meisje met Surinaamse wortels. Zij lezen de namen voor van scholieren die indertijd op deze Joodse school zaten. Later werden ze vermoord. Er lijkt geen einde aan te komen: “Avraham, Eliezar, Salomon, Esther, Batsheva...”

De betrokkenheid van de leerlingen doet me goed. Ik merk zelf dat het antisemitisme de laatste jaren toeneemt, ook onder jongeren. Er bestaan talloze denktanks die zich over de vraag buigen hoe daarmee om te gaan. Volgens mij is onderwijs het beste medicijn. Betrokken schoolbesturen, docenten en burgers als Janszen zijn daarbij onontbeerlijk.

Maar er is ook voldoende geld voor nodig, en dát vormt vaak een probleem.

Het regent pijpenstelen. Toch gaan we met z’n allen naar buiten voor het officiële moment. Vier meisjes duwen het gele plakkaat hard tegen de muur. Er volgt een luid applaus.

Net als ik naar binnen wil gaan, komen twee jongens op me af. Mounir zegt: “Ik vond het mooi wat u zei over discriminatie, mevrouw. Wij worden ook gediscrimineerd, al is dat op een andere manier natuurlijk.”

Zijn vriendje Hicham knikt en voegt toe: “Ja mevrouw, als mijn vrienden ooit nog iets lulligs zeggen over Joden, zal ik zeggen dat ze hun bek moeten houden.”

Natascha van Weezel (1986) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? natascha@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden