Maarten Mol Artikel Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Mol ArtikelBeeld Sjoukje Bierma

Ik vind het een lastige hindernis, de collectant

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Ik zag het al toen ik bijna bij de ingang van de supermarkt was.

Een collectant.

Niet de snelle jonge vrouwen en mannen die je met aalgladde praatjes een abonnement aan willen smeren. Die je brutaal naroepen of je het wel zeker weet als je vriendelijk zegt dat je al een abonnement hebt. (Eén keer: “Hij kan niet lezen, dat zie je zo.”)

Niet de man of vrouw die voor kankerbestrijding geld inzamelt. (“Ik heb al geld overgemaakt!” Hoe vaak zouden ze dat smoesje al niet hebben gehoord?)

Ik bleef bij de bloemen staan kijken naar de collectant.

Het was een vrouw, schatte ik, van tussen de veertig en vijftig jaar die bij de poortjes stond (maar ik ben heel slecht in schatten).

Onwennig. Een debutant.

Ze had een lange, grijze jas aan, halflang, wat sliertig haar. Een bril met blauw montuur.

In haar handen een groene collectebus waar een vel papier op was geplakt. Daarop het woord Oekraïne en de geel-blauwe vlag.

Schuchtere lach.

En ontzettend vriendelijk kijken. (Nergens iets geel dat matchte met haar bril.)

Ik vind het een lastige hindernis, de collectant.

Meestal bedien ik me van de tactiek van het ‘niet zien’. Vaak haal ik mijn telefoon tevoorschijn als ik bijna passeer. Altijd lichte schaamte.

Ze hield alleen de bus omhoog als er mensen langsliepen. Niet met de air van de door de wol geverfde collectant, en al helemaal niet opdringerig. Of met theater. Deze vrouw hoefde helemaal niet uit te leggen waarom ze daar stond.

Ik zag haar niet één keer met de bus rammelen.

Ze oogstte veel wegkijkers, en mensen die hun blik veilig in het winkelwagentje hadden gestopt.

Een man schudde nee.

Een man trok de zakken uit zijn spijkerbroek en liep lachend verder (eikel).

Een vrouw keek even naar de collectebus, fronste heel erg, en liep toen door.

Een vrouw duwde snel en zonder een praatje te beginnen een biljet van tien euro in de bus.

Een man liet alleen zijn bankpasje zien.

Weer een man die de zakken uit zijn broek trok, maar deze trok een spijtig gezicht en liep verder.

De vrouw met de collectebus haalde met haar vrije hand een appel uit de zak van haar jas. Er was al van gegeten, zag ik. Ze nam vlug een hap en stopte de appel terug in haar jaszak. Ze kauwde snel en verwoed.

Een vrouw die net had afgerekend liep terug naar de poortjes en liet een paar munten in de bus verdwijnen. Ze kreeg een dankbaar knikje.

Ik moest ook nog langs de vrouw met de collectebus.

Ik had geen contant geld op zak. Ik had ook nog niets op giro 555 overgemaakt (dat kwam nog wel, de oorlog was nog niet afgelopen).

Schuin achter haar stond de geldautomaat. Ik hoopte maar dat die niet weer buiten werking was.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden