null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

Ik stel me voor dat Jongste Dochter Memphis aan me voor komt stellen

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Ik moet het even over Memphis hebben.

Nee, niet Memphis, Tennessee, waar Elvis zo naar aan zijn einde kwam. Of de gelijknamige stad in het oude Egypte.

Memphis Depay, die Memphis.

Hij speelt vrijdag met het Nederlands elftal in de kwartfinale van het WK tegen Argentinië.

Jongste Dochter vindt Memphis Depay best leuk.

Ze heeft zelfs gedroomd dat ze met Memphis Depay op vakantie was.

Memphis droeg een strooien hoed. En gele slippers. Het was in een ver land, met mooie stranden. Ze sloegen een grote, gekleurde strandbal naar elkaar over. (Verder geen details.)

Ik stel me voor dat ze Memphis aan me voor komt stellen. En dat hij dan zijn lijger bij zich heeft (een kruising tussen een leeuw en een tijger).

Ik zou Memphis, zoals ik met alle vriendjes van mijn dochters heb gedaan, midden in de woonkamer op een stoel laten staan. En dan moest hij iets over zichzelf vertellen, en, héél belangrijk, waarom hij naar de hand van mijn dochter reikte.

In de gang hoorden we dan angstaanjagende geluiden van de lijger die door hond Bep onderdanig werd gemaakt.

Memphis Depay dus.

(Overigens is een jongen er vandoor gegaan toen hij op de stoel moest gaan staan. Nooit meer gezien. Mijn dochter praatte een maand niet meer met me.)

Ik had Jongste Dochter geloot met sinterklaas, en ik had besloten een hele grote Memphis te maken.

Alleen al met het natekenen van de enorme leeuw die op zijn rug moest, was ik uren bezig.

En ook een studie van zijn overige tatoeages kostte me meer tijd dan ik had vermoed. Zijn hoofd had ik in een krant gevonden, maar dat was weer te klein in vergelijking met die leeuw, maar goed. Ik was er lekker mee bezig, met Memphis.

Trots keek ik naar de leeuw die ik had getekend.

Van oranje karton had ik een mooie voetbalbroek gemaakt en geplakt, want een geheel naakte Memphis ging me toch wat te ver.

Twee dagen voor pakjesavond zaten mijn dochters op de bank de selectie van het Nederlands elftal door te nemen. En ze wisten wie er van de oranjeklanten nog vrijgezel was. En ze wisten ook precies wie kinderen had, en hoeveel, en er klonken een paar heel lange ooohhs en aaahhs, en de woorden zóóóó lief en schattig toen ze naar de pasgeborene van Nathan Aké keken. Ik spitste mijn oren.

Want ik hoorde een naam opvallend vaak.

En dat was niet de naam Memphis Depay.

Sterker, die hoorde ik helemaal niet.

Virgil.

Dat hoorde ik. Virgil voor en Virgil na.

“En Memphis dan?” vroeg ik zo neutraal mogelijk.

“Mwaah,” zei Jongste Dochter. “Virgil is veel leuker.”

Ze smiespelden nog zeker een kwartier met elkaar door over Virgil, steeds hun telefoon voor het gezicht van de ander houdend. Ook weer ooohhs en aaahhs.

De volgende ochtend verdween Memphis, sorry man, in de vuilnisbak. Ik wenste hem nog wel veel succes tegen Argentinië.

Razendsnel en in één sessie maakte ik een flamingo. (Jongste Dochter heeft een connectie met een café met die naam.)

In het gedicht ontbrak de naam Memphis.

Op pakjesavond zette ik de surprise op een stoel midden in de kamer.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden