Protest op 1 juni op de Dam tegen racistisch politiegeweld: stemverheffing uit solidariteit.

Opinie

‘Ik ontvluchtte het apartheidsregime. Maandag stond mijn dochter op de Dam’

Protest op 1 juni op de Dam tegen racistisch politiegeweld: stemverheffing uit solidariteit. Beeld Desiré van den berg

Zijn moeder liet een protestmars tegen de Jodenster aan zich voorbijgaan, zelf ontvluchtte Richard de Nooy stil het apartheidsregime in Zuid-Afrika. Zijn dochter doorbrak de traditie en stond op de Dam.

 ‘Het is makkelijk praten vanuit de helikopter,’ twitterde ik gisteren aan een vriendin, toen ze haar bezorgdheid uitsprak over het protest op de Dam, waar mijn jongste dochter aan meedeed. Ze is 19 en gaat inmiddels al aardig wat jaartjes haar eigen gang in Amsterdam.

Ik zie haar minder vaak dan ik zou willen, maar als we elkaar spreken dan hebben we het over muziek, ambitie, liefde, relaties, werk, politiek en verantwoordelijkheid. Dat laatste vooral omdat ik op haar leeftijd zelf belangrijke beslissingen moest nemen.

Op mijn 20ste vertrok ik uit Zuid-Afrika. Dat was in 1986. Het apartheidsregime deed alles om de macht te behouden. Ik kreeg de Zuid-Afrikaanse nationaliteit opgedrongen en werd opgeroepen voor militaire dienst. Daar bedankte ik voor en ik vertrok naar Amsterdam.

Hier aangekomen, kreeg ik met enige regelmaat het advies om me aan te sluiten bij anti­apartheidsorganisaties in Nederland. Daar had ik mijn bedenkingen bij, vooral omdat ik me moeilijk kan onderwerpen aan het groeps­belang, maar ook uit angst voor represailles voor familie en vrienden in Zuid-Afrika.

Met vele Zuid-Afrikanen ben ik dankbaar dat anderen in die tijd wél hun solidariteit hebben getoond en maatregelen hebben afgedwongen, die hebben bijgedragen aan de val van de apartheid. Natuurlijk kan ik niet meer terug om alsnog mee te lopen, maar zie hier: ik krijg zomaar de kans om met een nieuwe generatie mijn stem te verheffen en mijn solidariteit te tonen met onderdrukten elders in de wereld.

Overlevingstips

Maar ik blijf ook een bezorgde vader, dus ik heb er alles aan gedaan om mijn dochter ervan te overtuigen dat een massaal protest in coronatijd een slecht idee is. ‘Ik ben hartstikke trots dat je dit doet, maar wil je a.u.b. NIET tussen al die zingende, roepende mensen gaan staan op de Dam?’ appte ik toen ze vroeg of ik meeging. ‘Er zijn betere manieren op dit moment. Ik kan het niet verbieden, maar please…’

Ze appte terug: ‘Ach pap, komt goed. Al hoesten er vijf in mijn mond.’ Op dat moment hoorde ik de 19-jarige spreken die ik had kunnen zijn, ware het niet dat ik toen al in de helikopter zat onderweg naar veiliger oorden, weg uit de gekte op de grond, waar de klappen vallen.

Vervolgens appte ik nog een serie overlevingstips voor demonstranten, plus een hartstikke slimme suggestie om een zwijgende keten op anderhalve meter te vormen door de stad. Maar ook dit keer had ik het – waarschijnlijk zeer terecht – niet voor het zeggen op de grond.

Omdat ik inmiddels 55 ben, zijn er velen om mij heen die kwetsbare ouders of andere dierbaren hebben. Ik snap jullie bezorgdheid absoluut, vooral omdat dit precies de mensen zijn die ik hoopte te beschermen door niet mee te demonstreren tegen de apartheid.

Ja, dit zijn andere tijden, maar de noodzaak om solidariteit te tonen blijft (jammer genoeg) onveranderd en er kleeft risico en onvoorspelbaarheid aan iedere vorm van protest. Bovendien bepaalt het tijdsgewricht wat er verwacht wordt van de bewustwordende jeugd.

Jodenster

“Ik heb nog op school meegemaakt dat mensen de Jodenster moesten dragen en dat er protestacties waren,” vertelde mijn moeder, die in de zomer van 1942 in Amsterdam haar hbs-diploma haalde aan de Mauritskade. “Ineens zeiden ze: ‘We gaan demonstreren en langs de Duitse kazerne lopen!’ Ik wist dat als ik niet meeging het zou kunnen worden uitgelegd alsof ik niet Hollands genoeg dacht of misschien zelfs Duitsgezind was, of bang, of wat dan ook. Ik vond het een heel moeilijke beslissing en ik kon aan niemand steun vragen. Je kon toen niet even naar huis bellen. Dus ik moest helemaal zelf de beslissing nemen en toen heb ik toch besloten om het niet te doen. Eigenlijk omdat het me zinloos leek. Het was een gevaarlijke demonstratie, want als er duizenden mensen waren, dan zouden de Duitsers zich bedreigd voelen en kunnen gaan schieten.”

“Ik worstelde dus met de gedachte: doe ik het nou niet uit bangheid? Of is het werkelijk gezond verstand? Ik ben niet mee gaan lopen, hoewel mijn hele klas, op drie na, geloof ik, allemaal meeliepen. Toen werden Joden nog niet opgepakt. Ze hoefden alleen de ster te dragen. Dat was ook nog maar het begin. Er was toen nog geen duidelijk gevaar. Ze werden nog niet uit hun huizen gehaald. Dat gebeurde een half jaar later. En toen waren ineens alle Joden tegelijk weg. En dat was verschrikkelijk.”

Natuurlijk wil ik niet beweren dat al deze omstandigheden op dezelfde manier beoordeeld dienen te worden, maar ik vind het verontrustend dat er in mijn familie inmiddels drie generaties Amsterdammers zijn geweest, die ieder in hun eigen tijdsgewricht moesten beslissen of ze hun stem zouden verheffen uit solidariteit met onderdrukten nabij en ver weg. Misschien werd het hoog tijd dat er iemand meeliep.

Auteur Richard de Nooy. Zijn vierde roman Van kleine helden ­verscheen in 2017.Beeld chris van houts
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden