Femke van der Laan Beeld Agata Nowicka

Ik liet hem vallen

Plus Femke van der Laan

“Wat heb je ermee gedaan?” Ik sta bij de lijstenmakerij. Op de werktafel voor me ligt een schilderijtje. Ik heb het zojuist uit mijn tas gehaald. Er zit nog een lijst omheen, aan drie kanten. De onderkant is stuk, daar is de lijst ­afgebroken. De lijstenmaker staat met het stuk hout in zijn hand. “Wat heb je ermee gedaan?”

Ik weet het niet meer. De lijst is al zo lang stuk dat ik me niet meer herinner hoe het kwam. Het schilderijtje lag sindsdien in de kast. Tot ik de tijd zou vinden om het te laten maken.

De lijstenmaker kijkt me aan. Wat heb ik ermee gedaan? Hij lijkt zeker te weten dat het mijn schuld is. Ik heb het uit mijn handen laten vallen. Zijn blik zegt dat ik het net zo goed toe kan geven.

“Ik heb het laten vallen.”

Dat dacht hij wel.

De lijstenmaker tilt het schilderij op. Hij houdt de lijst dicht bij zijn gezicht. Ik kijk de winkel rond. Overal liggen stukjes hout. Hier en daar hangt een schilderij. Scheef. De rest staat tegen de muren of is opgestapeld op tafels. Het tapijt op de vloer is kapot. Het ruikt naar rook.

“Ze hebben het niet zo mooi gedaan.” De lijstenmaker wijst naar het de rand van de passe-partout. “Kijk, hier past het niet.”

Ik knik. De man heeft weinig aandacht voor het schilderijtje zelf. Op de weg hier naartoe had ik wel die hoop. Dat ik het werkje uit mijn Albert Heijn-tas zou vissen en de lijstenmaker uit zou roepen: “Een echte! Wat prachtig!” Maar ik wist al niet wat voor ‘echte’ het dan moest zijn. De naam rechts beneden is niet te ontcijferen. Het jaartal dat eronder staat, bestaat uit vijf cijfers. Het is geen echte.

“Je hebt ’m ook niet schoongehouden, hè?” De vinger van de man gaat over de rand van de lijst. “Kijk maar, hier.”

Even wil ik hem wijzen op de schilderijen aan zijn ­muren. Zo zonder glas, en dan die rook hier. Ik houd mijn verdediging voor me.

De lijstenmaker kijkt nog een tijdje naar de lijst. Dan zegt hij dat hij hem wel kan maken. Mijn naam en nummer worden opgeschreven. “Hoe hing ie eigenlijk?”

Ik kijk naar de twee oogjes in de achterkant van de lijst. Dan weet ik het weer: het touwtje was gebroken. Zo was hij gevallen. Ik heb het niet gedaan!

“Aan een touwtje!” De man kijkt me aan. “Dat brak!”

Ik zie zijn hoofd een beetje schudden. Hij gelooft me niet.

Mijn schouders gaan weer wat omhoog. “En toen liet ik hem vallen.”

De man knikt.

Dat dacht hij wel.

Femke van der Laan is journalist. Wekelijks schrijft ze een column voor Het Parool. Lees hier al haar columns terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden