Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Ik kan niet alles van iedereen weten, wat weten zij trouwens van mij?

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Zouden ze zich in Oekraïne en in Rusland druk maken over de CO2-uitstoot of het ‘beprijzen’ daarvan? Hoeveel uitstoot geeft munitie eigenlijk? Hoeveel planten en dieren sterven er door de bombardementen? Hoeveel last krijgen wij van de bommen die ze daar afschieten?

Elk probleem dat wij kennen, wordt door de oorlog ondergeschoffeld.

Mijn moeder vertelde dat toen zij en mijn zusje uit het kamp waren bevrijd ze alleen de kleren bezaten die ze droegen. Nieuwe kregen ze van het Rode Kruis. “Maar ja, met die temperatuur in Indië had je niet veel kleren nodig,” zei mijn grootmoeder die nooit heeft begrepen wat een Japans interneringskamp in Indië was.

We kennen elkaars problemen niet. Het klimaat mag dan een wereldprobleem zijn, het herstel van het Groot Russische Rijk vinden sommigen belangrijker.

Wat weet ik van de geschiedenis van de 180 nationaliteiten die in Amsterdam wonen? Niets. Ik weet ook niets van hun rituelen of van hun waarden en normen. Om eerlijk te zijn: het interesseert me nauwelijks. Ik weet niet welke oorlogen zij hebben moeten voeren, welke genocides er zijn gepleegd. Het zou best kunnen zijn dat het gebrek aan kennis over de ander oorzaak is van enkele problemen, maar ik kan niet alles van iedereen weten. Wat weten zijn van mij?

Wat er in Indië gebeurde, interesseerde trouwens heel weinig mensen hier. En wat er in Nederland aan de hand was, wisten ze in Indië nauwelijks. Nederlandse kranten deden er zo’n zes weken over om naar Indië te komen en Indische kranten, die er zeker ook waren (wie kent de Java-Bode niet) kende men in Nederland niet.

Het begrip ‘communicatie’ was jaren geleden dé toverspreuk om alle problemen mee op te lossen. Wanneer we maar goed met elkaar zouden communiceren, verdampten de problemen. Je kon ook, misschien nog, communicatiewetenschap studeren. Het was een erg populaire studie. Resultaat: we begrijpen elkaar slechter dan ooit en de ene helft van Nederland haat intussen de andere helft. Wat er in Oekraïne is gebeurd, zijn we alweer bijna vergeten. De oorlog is gewoonte geworden.

Maar hij gaat door. Met kleine stapjes. Met grote gevolgen. Men bombardeert elkaar dood en moreel monddood.

Vladimir Poetin noch Volodimir Zelenski weet hoe de oorlog te beëindigen; ze staan beiden nog op verlies. Niemand kan nog iets forceren.

Lopen wij nu een kruitvergiftiging op? Soms denk ik dat ik al kruit ruik.

Het gaat om eer. Niemand weet precies wat dat is. Vermoedelijk een soort kanker.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden