Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

‘Ik hoor ze laf gillen,’ zei een Boze Jongere, ‘boomers, jullie tijd is voorbij’

PlusTheodor Holman

“En toen werd er opeens aan de deur van opa en oma gebonsd. Het waren de Boze Jongeren. “Vlug, vlug,” zei grootmoeder, “laten we ons in het keukenkastje onder de gootsteen verbergen.”

Doordat opa en oma in de loop der tijd krom gegroeid waren, omdat ze hun halve leven krom hadden moeten liggen, pasten ze makkelijk in het keukenkastje. Maar net toen oma opgevouwen in het kastje zat, wisten de Boze Jongeren het huis binnen te dringen.

“Ik ruik oudemensenvlees!” zei één van de Boze Jongeren.

“Kom maar tevoorschijn, ouden van dagen,” zei een andere Boze Jongere,” dan gaan we eens fijn in jullie gezicht kuchen!”

“Ik hoor de jongeren al aankomen,” zei opa angstig.

“Denk maar niet dat jullie je kunnen verbergen met jullie onderliggend lijden!” hoorden opa en oma.

“Met jullie hoge bloeddruk, je hartkwalen en je obesitas!” zei die ene Boze Jongere weer.

Oma schrok, want zij had een hoge bloeddruk, een hartkwaal en obesitas, en ze was boven de zeventig.

Opa wist dat het voor hem te laat was. “We moeten hier afscheid van elkaar nemen, oma,” zei hij.

“Nee, nee!” gilde oma.

“Ik hoor ze laf gillen,” zei een Boze Jongere, “ja, boomers, jullie tijd is definitief voorbij…Jullie hebben alleen maar genoten, genoten en genoten. En daar kregen jullie dat onderliggend lijden van. Nu moeten jullie weg om nog iets van onze economie te redden.”

“Daar is een vies klein, krom oud mannetje,” zei die andere Boze Jongere, “hij probeert elke serieuze ethische discussie te ontlopen.”

“Als jij niet in het ziekenhuis wordt opgenomen, kunnen we wel tien jongeren redden,” zei een Boze Jongere die de ethische discussie niet goed had begrepen en die in opleiding was voor psychiater.

“Het is de straf voor jullie kapitalisme!” zei de eerste Boze Jongere en hij pakte opa bij zijn lurven en hoestte hem eens flink in het gerimpelde gezicht.

Opa liet het maar over zich heen komen.

Hij veegde een slijmdraad weg die half in zijn mond was gefluimd. Hij wist dat oude mensen het toch altijd afleggen tegen jongeren. Oude mensen zijn dingen die voorbijgaan. Opa voelde zich een vuilniszak met een mond waarop een pleister zat en waar geen slang van een longmachine doorheen mocht. Opa kreeg ademnood. Opa had het benauwd…

En nu gaan jullie lekker slapen, kinderen. Morgen skypen we verder.”

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden