Marjolijn de Cocq.Beeld Artur Krynicki

Ik heb net een massamoord gepleegd onder mieren

PlusMarjolijn de Cocq

Na wespen, mollen, merels en eksters was ik het eigenlijk niet meer van plan het hier nog over beessies te hebben. Maar, zoals Jean-Pierre Geelen onlangs in de Volkskrant schreef, het natuurboek rukt op. ‘De boeken over vogels, insecten, bomen en tuinieren vliegen je om de oren, van wetenschappelijke gidsen tot romans en poëzie.’ Kinderboeken, wil ik daaraan nog toevoegen – lees de rubriek Voor alle leeftijden een paar pagina’s verderop.

En zoals Geelen schrijft: inzoomen is populair. Dus nu ligt er wéér een nieuw gezaghebbend exemplaar op mijn bureau: De mierenmaatschappij. Ze krioelen ook over het groen op de kaft, die mieren. Hè nee toch. ‘Over het leven van mieren en wat wij van ze kunnen leren,’ is de ondertitel van mierenvorsers Susanne Foitzik en Olaf Fritsche. Ik wil helemaal niet weten dat wij iets van mieren kunnen leren. Ik heb net een massamoord gepleegd onder mieren.

Ze verschenen uit het niets, zoals het al drie jaar achtereen gaat in mijn tuinhuisje. Klamme zomerdag, scharrelen in de tuin, niks aan de hand. Half uur later: hele huisje zwart van de mieren. Vanuit de hoek van het keukentje kleine kruipmiertjes, over de muren, de vloer, het fornuis, het aanrecht. Bij de ramen aan de voorzijde vliegende mieren, over de gordijnrails, van plafond tot plint.

Maar hoe dan?

Hoe dan besluiten die twee miersoorten dat ze op één en hetzelfde moment mijn huisje moeten veroveren? En, weet ik van een site over het bestrijden van mierenplagen, dan zijn dit alleen nog maar de zichtbare mieren, de ‘werksters’ van de kolonie. Er zitten nog duizend mieren in het nest te wachten tot de werkmieren hen komen voeden. Je moet het probleem bij de bron aanpakken en het mierennest verwijderen, adviseert deze site. Maar dat betekent huisje slopen, want de nesten moeten zich ergens tussen de wanden bevinden.

Bron aanpakken was ook niet het eerste wat in me opkwam bij die zwarte tsunami. Rode waas voor ogen. Chemical warfare!

Zestienduizend soorten zijn er wereldwijd, lees ik De mierenmaatschappij. En elke mier heeft haar eigen taak, van kinderverzorgster, architecte, bouwvakster, huishoudster, jaagster, verzamelaar tot koningin. De mannetjes vallen dood neer na hun ‘bruidsvlucht’ en worden opgevroten, ‘ze zijn dus niet meer dan vliegende spermapakketjes in een volmaakt georganiseerd matriarchaat.’ En dan is ook nog een prentenboek verschenen over (uit het persbericht van uitgeverij Condor) ‘het alleukste insect’ waarvan ‘er wel tien biljard op de wereld zijn’ : De wereldse wijsheid van de mier van Philip Bunting.

Daar heb je het al. Schuldgevoel.

m.decocq@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden