Opinie

‘Ik heb dit eerder zien gebeuren. Amsterdam, waak alsjeblieft voor de kloof’

Journalist Hicham Sabir verhuisde van San Francisco naar Amsterdam en ziet veel parallellen. Hij vreest voor spanningen tussen de ‘echte Amsterdammers’ en de ­buitenlandse nieuwkomers.

Hicham Sabir (r) op de Albert Cuyp.Beeld Jakob van Vliet

Wie van San Francisco naar Amsterdam verhuist, kan plotseling een soort déjà vu ervaren, zo’n vertrouwd gevoel dat dwars door de taalbarrière heen prikt.

Ineens kom je tot de ontdekking dat er verrassend veel yogastudio’s en sportscholen zijn in de stad, net zoals hipsterdesignlabels, veganhamburgertentjes, en meer coffeeshops die fairtradekoffie verkopen dan die waar je terechtkunt voor drugs.

Op het eerste gezicht lijken Amsterdammers wel een beetje op San Franciscanen, en naar verloop van tijd krijg je in de gaten dat de barista die jou je flat white serveert ook alleen maar Engels spreekt. En tegen de tijd dat je er drie maanden woont, heb je ook wel iets gemerkt van de groeiende onrust, de spanningen tussen nieuwkomers en ‘echte Amsterdammers’. Dan lach je om de grappen op straat, de felle krantenkoppen en de Twitterruzies. Hoe Amsterdammers aankijken tegen expats lijkt opvallend veel op hoe San Franciscanen IT’ers zien. De verwarring komt in beide gevallen voort uit onbegrip, dat wordt versterkt door de moeizame omgang tussen de twee groepen. IT’ers in San Francisco maken, net als expats hier, maar tien procent uit van de stadsbevolking.

‘Echte’ Amsterdammers

De betekenis van het woord ‘expat’ is nogal veranderd sinds de jaren tachtig. Tegenwoordig verwijst dat woord vooral naar lager opgeleide migranten van wie er veel bij callcenters van Basic-Fit of Booking.com werken en in Nieuw-West of Zuidoost wonen.

Overigens, Amsterdam heeft sinds de vijftiende eeuw al zoveel migratiegolven gezien (van Sefardische Joden, Molukkers, Indonesiërs en Surinamers tot Zuid-Europeanen, Turken en Marokkanen) dat je onmogelijk kunt spreken van ‘echte’ Amsterdammers.

Politiek en stadsplanning

De veranderingen die Amsterdam op dit moment doormaakt, lijken erg op die in San Francisco twintig jaar geleden, op het hoogtepunt van de dotcomeuforie.

Gentrificatie, de verdrijving van arme gemeenschappen door rijke nieuwkomers, is al even een algemeen gangbare term en veel bewoners krijgen ermee te maken. “Niemand hier spreekt nog Nederlands,” begon ooit als een grapje in De Pijp, maar inmiddels is het helaas werkelijkheid.

In de jaren tachtig heeft gentrificatie door binnenlandse migratie misschien nog buurten als De Jordaan gered, maar wat vaak begint met de beste bedoelingen (het stimuleren van economische en sociale activiteit, diversiteit en banen in kansarme gebieden) gaat vervolgens een eigen leven leiden. Op den duur, wanneer de oorspronkelijke bewoners de wijk niet meer kunnen betalen, wordt dit soort buurten juist minder divers.

In tegenstelling tot wat veel mensen denken, is gentrificatie geen natuurlijk sociaaleconomisch proces, maar het resultaat van politieke strategie en stadsplanning.

In San Francisco is de zwarte gemeenschap, inclusief hun Victoriaanse huizen verdreven uit de wijk Fillmore toen het Herontwikkelingsbureau de heropbouw van de Western Addition op zich nam. Nu beslaat de zwarte gemeenschap nog maar vijf procent van het inwoneraantal in de stad, waar dat ooit 14 procent was.

Libertarische chaos

In Amsterdam is de woningvoorraad tussen 2011 en 2016 geslonken met 9.000, terwijl de gemeente in diezelfde periode in Londen reclame maakte om jonge professionals naar Amsterdam te lokken – alsof ze twijfelde tussen profiteren van economische voorspoed of het betaalbaar houden van woningen.

Het San Francisco van nu zou een doemscenario moeten zijn voor Amsterdam: de stad heeft de hoogste inkomensongelijkheid van Californië, de huur van een studio bedraagt gemiddeld 3.700 dollar en de meeste oorspronkelijke bewoners van de wijken Fillmore en Mission ­District zijn vertrokken. Het minimuminkomen om in aanmerking te komen voor een koophuis was in 2016 254.000 dollar, terwijl een middeninkomen toen rond de 80.000 dollar lag.

Maar in San Francisco heerst niet de libertarische chaos die dit soort getallen doet vermoeden: 75 procent van alle huurhuizen valt namelijk onder sociale huur. De stad staat voor ingewikkelde stedelijke uitdagingen die ook Amsterdam niet vreemd zijn: beschermde historische architectuur, bouwhoogtebeperkingen en uitbreidingsproblemen door natuurlijke grenzen en naburige agglomeraties.

Als alle seinen niet al op rood staan in Amsterdam, dan moeten ze toch zeker op donker-oranje staan. Na de uittocht van voormalige bewoners uit de Jordaan, De Pijp en Oud-West, beginnen nu ook De Baarsjes en Oost in hoog tempo te veranderen.

En hoewel de vastgoedprijzen nog steeds lager zijn dan in andere grote Europese hoofdsteden, zijn ze in 2017 in Amsterdam wel het meest gestegen van heel Europa.

Illegaal onderverhuren

Gelukkig heeft Amsterdam nog steeds een buffer. Hoewel de twee steden evenveel inwoners hebben, heeft Amsterdam dertig keer meer sociale huurwoningen dan San Francisco en twee keer zoveel grondoppervlak, dus meer groeiruimte.

Lagere huren en herontwikkelingsprojecten konden de gentrificatie in historische buurten van San Francisco misschien niet voorkomen, maar er verschijnen wel andere oplossingen denkbaar om het probleem aan te pakken. En Amsterdam kijkt mee. Uit onderzoek uit 2017 van de universiteiten MIT (Massachusetts), UCLA (Los Angeles) en USC blijkt dat bij elke 10 procent groei van Airbnb-aanmeldingen, de gemiddelde huur in het betreffende postcodegebied met 0,4 procent stijgt.

Dit gegeven rechtvaardigt de beslissing van de gemeente om verhuur van vakantiewoningen aan banden te leggen. Woningcorporaties betreden nu de huizenmarkt. In een poging om het tij te keren probeerde Amsterdam zowel de koop van voor de verhuur bestemde nieuwbouwwoningen te verbieden, als tegelijkertijd maximumprijzen af te dwingen voor huis­eigenaren uit de middensector die in een nieuwbouwhuis gaan wonen.

Daarnaast wordt er inmiddels hard opgetreden tegen het illegaal onderverhuren van sociale woningbouw.

Tuig

Intussen neemt de sociale tweedeling in San Francisco rampzalige proporties aan en is er reden tot zorg over Amsterdam dat, waar ook nog eens een taalbarrière bestaat, wellicht een vergelijkbaar lot tegemoet gaat. Hoe lang nog voordat ook hier de armste inwoners worden uitgemaakt voor ‘tuig’ door een expat? Of dat verjaagde groepen elektrische Van Moof-fietsers gaan bekogelen?

Voor de stad Amsterdam is het van levens­belang om gentrificatie proactief aan te pakken en een manier te vinden om groepen, vaak van elkaar gescheiden door cultuur- en inkomensverschillen, met elkaar te verbinden voordat de kloof te groot wordt en omslaat in haat.

Hicham Sabir, Frans-Marokkaanse schrijver en innovatie­consultant, woonde in Frankrijk, Zweden, Canada en Californië.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden