Maarten Mol Artikel Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Mol ArtikelBeeld Sjoukje Bierma

Ik ging vaak naar De Slegte om daar even op te lossen

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Ik was weer eens bij De Slegte.

Het was er schoon en overzichtelijk en de vloeren dempten de tred van de klanten niet. Het smalle pand aan de Vijzelstraat doet in niets herinneren aan het kolossale pand in de Kalverstraat waar De Slegte ooit zat. Met de roltrappen die zo contrasteerden met de oude handelswaar die er verkocht werd.

Ik ging daar vaak heen om op te lossen. Onvindbaar zijn. Net als je in de grote warenhuizen in Parijs en Londen kunt doen tussen de serviezen en de tassen. Gewoon er even niet zijn voor de buitenwereld. Een goede manier om gedachten te ordenen, lopend langs de rekken met de overhemden voor zakenmannen die ik nooit zou dragen.

In de winkel in de Kalverstraat kon je nog verdwalen, of je onvindbaar maken door je op de tweede verdieping in een pad in een theologisch werk uit begin twintigste eeuw te verstoppen. Die eindeloze gangen met boekenkasten tot het plafond. (In het klein terug te vinden op de eerste verdieping bij Kok in de Oude Hoogstraat.)

Er was ook een kelder waar ik voor een paar gulden De Oostakkerse gedichten van Hugo Claus kocht. (Waar ik vervolgens maar niet in kon doordringen.)

Uren heb ik daar doorgebracht. Ik vond er het deel van het vierluik De zee van vruchtbaarheid van Yukio Mishima dat ik nergens anders kon vinden. Een enkele keer ging ik op een krukje zitten om een kater te verwerken. Eén keer had ik daar een afspraak met iemand gemaakt die niet kwam opdagen. Voor de stellage met oude literaire tijdschriften. (En maar op mijn horloge kijken tot de wijzers er zelf ook bedroefd van werden.)

Op de Vijzelgracht hoor je alles. Hoe er beneden wordt afgerekend. Hoe twee vrouwen op de afdeling spiritualiteit over vluchtelingen uit Oekraïne praatten.

“Nee, het zijn geen gelukszoekers.”

“Nou, ik las dat er eentje een fiets had gekocht om zich op het leven hier voor te bereiden.”

“Dat zegt toch niets?”

“En de buren hebben de Oekraïense vlag alweer binnengehaald.”

“Nou ja, zeg, belachelijk! Ik ga er meteen een kopen. Waar kun je vlaggen kopen?”

Ik liep snel verder naar de hoek met de kasten literatuur. Daar staat namelijk de gele bank. Als ik bij De Slegte ben, ga ik altijd een tijdje op die bank zitten. Iedereen heeft plekjes in de stad waar zij of hij even kan oplossen.

Die gele bank is eigenlijk mijn bank.

Maar nu zaten er twee mensen van de winkel met een vertegenwoordiger te praten. De koffie in de kopjes stond nog tot aan de rand, dus dat ging nog wel even duren.

In het pand in de Kalverstraat zag je nooit personeelsleden.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden