Babs Gons. Beeld Artur Krynicki
Babs Gons.Beeld Artur Krynicki

Ik geloof niet dat het mijn dag was

PlusBabs Gons

Afgelopen week reisde ik naar Zeist voor een optreden. Terwijl ik door de gemeente reed waar ik een deel van mijn jeugd heb doorgebracht, kwam niets me bekend voor. Soms dacht ik heel even een laantje te herkennen maar dan kwamen de huizen me weer vreemd voor. Iemand bij het optreden vertelde me dat de plekken waar ik heb gewoond geheel veranderd zijn. Behalve de hoge flat in de wijk Vollenhove, die scheen er nog te staan.

Ik herinner me hoe mijn moeder en ik daar op een van de hoogste verdiepingen woonden. Terwijl ik onze flat voor me zie, hoor ik ook gelijk een duif naar binnen vliegen. Ik die gillend achter de bank duik en mijn moeder die de in paniek rakende duif de balkondeur uit joeg, dit gebeurde meer dan eens. Frappant hoe dat geheugen soms ineens vleugels krijgt en binnen komt fladderen. Hele stukken van die periode zijn weg en dan opeens verschijnt er een SRV-bus in mijn hoofd die elke dinsdag voorreed.

Op de terugweg klopt een andere herinnering aan. Ik zat in de tweede klas en die dag zou een fotograaf langskomen. Ik herinner me dat mijn moeder mijn haar helemaal uitkamde. Ik wilde dat niet. Niemand in de klas had mijn haar, iedereen had plat haar en ik wilde wat iedereen had.

Ik herinner me ook een paarse zelfgemaakte tuinbroek die ik niet aan wilde. Ik geloof niet dat het mijn dag was. Ik herinner me dat ik de juf vertelde dat ik niet op de klassenfoto wilde maar ik moest toch. Ik herinner me dat ik helemaal achteraan ging staan en naar de grond keek, hopende dat ik onzichtbaar zou worden. Ik herinner me ook dat de fotograaf toen zei: “Wil dat jongetje naar voren kijken?”

Hij bedoelde mij. Ik weet nog dat de juf toen zei ‘lach eens Babs’, en dat ik helemaal niet kon lachen omdat het echt mijn dag niet was.

Ik was blij dat we al verhuisd waren voordat de schoolfoto klaar was, maar op een dag lag er een grote gele enveloppe op de mat in ons nieuwe huis in een nieuwe stad. Met daarin de klassenfoto en briefjes van de leerlingen en de juf.

“Kijk Babs, je kijkt helemaal niet chagrijnig!” had de juf erbij geschreven.

Ik heb de foto nog steeds, op een of andere manier hebben mijn klassenfoto’s mijn vele verhuizingen overleefd. En daar sta ik, helemaal achteraan in de klas, in een paarse zelfgemaakte tuinbroek, met een enorme uitgekamde afro heel chagrijnig naar de grond te kijken.

Toen kon ik er niet om lachen maar soms fladderen die woorden mijn hoofd weer eens in, vooral als het mijn dag niet is. ‘Je kijkt helemaal niet chagrijnig.’

Spokenwordartiest, schrijver en ­docent Babs Gons maakt ons deelgenoot van haar belevenissen. Lees al haar columns hier terug.

Reageren? b.gons@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden