Erik Jan HarmensBeeld Artur Krynicki

Ik ben eigenlijk het tegenovergestelde van Diego Maradona

PlusErik Jan Harmens

Als Diego Armando Maradona morgen zijn zestigste verjaardag viert, kijk ik via YouTube nog eens naar zijn legendarische warming-up in het Olympisch Stadion van München. Voorafgaand aan de voetbalwedstrijd Bayern-Napoli houdt hij de bal een miljard keer hoog, terwijl door de speakers het liedje Live is Life schalt van de Oostenrijkse band Opus. Zijn hooghouden staat op zichzelf en zou zonder de soundtrack even memorabel zijn geweest, terwijl het oersaaie liedje alleen dankzij het ballet met de bal enige allure heeft weten te verkrijgen.

Ik zing ten minste een keer per week een variant op Live is Life en dat doe ik als ik in de supermarkt voor het zuivelschap sta en twijfel of ik de goedkope kwark zal nemen of de dure. Die kost een halve euro meer, maar heeft wel een veel gezelligere verpakking. ‘Kwark is kwark’ zing ik dan, op de melodie van Opus dus, en vervolgens stel ik me tevreden met het huismerk.

Behalve dat ik kwark lekker vind, hou ik van de structuur. Dikke erwtensoep, maar dan wit. Pindakaas heeft ook een fijne structuur, maar die wil ik alleen van het A-merk. Het A-merk dat begint met een C. Favoriet is de variant met stukjes pinda. Er is door de marketeers lang nagedacht welk bijvoeglijk naamwoord ze aan die stukjes wilden geven. Knapperig, krokant, crispy … Uiteindelijk kwamen ze op ‘crunchy’, wat een halve onomatopee is: als je het woord uitspreekt, hoor je het kraken.

De reclameslogan van het bedrijf is verwarrend: ‘Pindakaas, wie is er niet groot mee geworden?’ Als ik antwoord: ‘Ik’, dan bevestig ik dat ik er niet groot mee ben geworden, terwijl het tegenovergestelde het geval is. Beter was geweest: ‘Pindakaas. Wie is er groot mee geworden?’ Antwoord: Ik, en velen met mij.

Het A-merk dat begint met een C promoot zijn pindakaas als ‘de smeuïgste van Nederland’. Ik zou ook wel wat smeuïger willen zijn, maar ga in plaats daarvan nogal houterig door het leven. Ik ben eigenlijk het tegenovergestelde van Diego Armando Maradona. Hij beweegt zich sierlijk, ik stram. Hij leeft vanuit het hart, ik hou altijd mijn koppie erbij. Morgen op zijn verjaardag kijk ik op YouTube ook nog even naar dat fragment uit de documentaire van Emir Kusturica uit 2008. Daarin brengt zanger Manu Chao midden op straat een aubade aan de stervoetballer. Hij zingt: ‘Si yo fuera Maradona nunca m’equivocaría’, wat zich laat vertalen als: ‘Als ik Maradona was zou ik nooit fouten maken.’ Dat is apert onwaar, de Argentijn ging jarenlang gebukt onder een cocaïneverslaving. Daar zou ik aan denken als ik zo zou worden toegezongen, maar mijn tegenbeeld denkt niet, hij vóélt. Hij luistert naar het liedje en hij huilt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden