PlusColumn

Iedereen draagt zwart en de Zweden drinken alles door elkaar

Pepijn LanenBeeld Corné van der Stelt

Het vliegtuig landt en voor ik het weet heb ik een kaartje voor de airport express in mijn bezit. Ik ga door de douane als een warm mes door een natte krant en na nog een paar voor-ik-het-weets zit ik ook werkelijk in de airport express.

Het is opvallend warm in Stockholm voor de tijd van het jaar en ik heb ten onrechte mijn parka en Timberland-boots aangetrokken, maar dat is helemaal oké. Er is gratis wifi en ik mag op de stoelen zitten die eigenlijk bestemd zijn voor bejaarden of anderszins slecht ter been zijnden. Ik was van tevoren een beetje bang dat ik ­zomaar zomaar naar Stockholm zou gaan, maar nu zie ik het helemaal zitten.

Op een plasmascherm komen nieuws­berichten voorbij; een band die ik niet ken uit Engeland is om het leven gekomen, er is iets met een strand waar het niet goed gaat en Rusland zegt dat het geen plannen heeft om Zweden binnen te vallen.

Ik zie het direct helemaal niet zitten. Het klinkt alsof Rusland wel plannen heeft om Zweden binnen te vallen. De rest van de rit probeer ik er wat van te maken in mijn hoofd en in mijn onderbuikgevoelens.

Aangekomen in het centrum blijkt Stockholm precies het gedeelte voor het Centraal Station in Amsterdam met de boten aan de ene kant en de hotels aan de andere kant te zijn, maar dan gigantisch uitgesmeerd en met meer kerstverlichting.

Iemand wijst de studio van Avicii aan en ik ontmoet een Zweedse rapper en een paar producers. Een van de muziek­mensen schenkt sangria voor me in. Ik zeg dat ik al een drankje heb en hij zegt 'so you have two drinks, that's cool' en dat is dan dat.

We zouden eigenlijk rustig aan doen, maar dat station is al gepasseerd. Met allemaal een knie op de grond wordt er beraadslaagd over het volgende doel en uiteindelijk zitten we in een 150 jaar oud café waar een Hollandsche boer en boerin op de muur zijn geschilderd. Een oude man gaat op iemands hand zitten en zijn gezicht vertrekt van de pijn, maar hij blijft beleefd.

Het wordt 's middags al donker alsof het midden in de nacht is. Iedereen draagt zwart en de Zweden drinken alles door elkaar. Op het pleintje is een kerstmarkt en in het portiek van het Nobelinstituut ligt een zwerver te slapen.

De volgende dag sneeuwt het. Ik hoor niks meer over Rusland.

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden