Ruben Koops. Beeld Artur Krynicki
Ruben Koops.Beeld Artur Krynicki

Hopelijk komen burgers vaker langs bij debatten

PlusRepubliek Amsterdam

Even terug naar het lijsttrekkersdebat voor de Tweede Kamerverkiezingen, dat RTL Nieuws hield in Felix Meritis. Na afloop was er lof voor de vrijmoedigheid van Sigrid Kaag (D66) en Lilian Marijnissen (SP) en voor de felle aanvallen van Wopke Hoekstra (CDA) en Jesse Klaver op Mark Rutte (VVD).

Maar wat het meest bleef ­hangen was het idee van de RTL-redactie om gewone Nederlanders die inhoudelijk betrokken zijn bij een van de stellingen, tegenover een lijsttrekker te ­zetten. Kaag moest zich verantwoorden tegenover een boze boer, Klaver kreeg een gedupeerde student voor zich en ­Rutte werd bevraagd door een in de toeslagenaffaire getroffen moeder, Kristie Rongen. “Ik stop u even,” onderbrak zij de premier toen die in een procedureel antwoord dreigde te verzanden. Dit keer geen harde aanval van een lijsttrekker of een domme verspreking, het was Rongen die zorgde voor het moment dat we ons zullen herinneren.

De meeste lijsttrekkers, Marijnissen en Wilders uitgezonderd, deden hun uiterste best om invoelend over te komen richting de boze burgers. Televisiekijkers vonden het prachtig om te zien hoe Rutte, Kaag, Klaver en Hoekstra zich in beleefde bochten wrongen en geforceerd aardig bleven. Niet de lijsttrekkers, maar de gewone man of vrouw was even de baas in het debat.

De lijsttrekkers reageerden zoals ze dat geleerd hebben. Een meningsverschil met een kiezer al te openlijk bediscussiëren komt arrogant over, is de gedachte, en mensen stemmen niet graag op een arrogante ­lijsttrekker.

Je vraagt je af hoe de gesprekjes met die Nederlanders zouden zijn verlopen als de lijst­trekkers een tijdje hadden meegedraaid in een gemeenteraad. Daar worden raadsleden en wethouders elke week met emotionele, boze of geestige inwoners geconfronteerd. Bij bijna iedere vergadering zijn Amsterdammers te gast, soms heel beleefd en soms onredelijk. De inspraak is vanwege de pandemie nu digitaal, maar vóór corona bleven mensen vaak rondhangen in de vergaderzaal, zodat ze de politici na afloop nog even konden spreken.

Het is een belangrijk en symbolisch verschil met het Binnenhof, waar burgers hun grieven hoofdzakelijk buiten de deur moeten uiten, op het Plein of op het Malieveld. Een petitie mag je hoogstens op de gang aanbieden, vlak bij de hoofdentree van de Kamer. In het stadhuis, in elk stadhuis, zijn inwoners welkom tot in de vergaderzaal. Ze maken zelfs deel uit van de vergader­orde en hebben spreekrecht. Is dat de reden dat Marijnissen, voormalig gemeenteraadslid, zichtbaar ontspannen stond te praten met de ondernemer die tegenover haar was gezet? En zelfs af en toe een beetje durfde terug te duwen?

De gemeenteraad is een ideale maar ondergewaardeerde ­leerschool voor politici in de omgang met burgers. Mensen beleefd aanhoren of naar de mond praten kan iedereen. Een gesprek voeren met een boze kiezer of inwoner is veel moei­lijker. Wie dat goed kan, dwingt respect af.

Ik herinner mij een woedende Eric van der Burg, die in 2017 als wethouder direct excuses eiste toen een inspreker zijn ambtenaren vergeleek met de ambtenaren die betrokken waren bij de Holocaust. Nog beroemder is het veelbekeken fragment van een AT5-uitzending met Eberhard van der Laan uit de jaren negentig. Hij was toen nog PvdA-raadslid en diende een boze Amsterdammer van repliek. “Ach flikker op, ik woon in De Baarsjes, waar woon jij? Ouwehoer!” Dat talent maakte hem geliefd als burgemeester, maar hij was erin geoefend als raadslid.

Dit is natuurlijk geen pleidooi om mevrouw Rongen en de anderen weg te zetten als ouwehoeren, maar wel om in de toekomst lijsttrekkers te kiezen die met iets meer gezag tegenover inwoners durven te staan. Hopelijk komen burgers vaker bij verkiezingsdebatten en beschouwen lijsttrekkers dit als een kans, in plaats van een risico.

Politiek verslaggevers Michiel Couzy en Ruben Koops belichten beurtelings op zaterdag in ‘Republiek Amsterdam’ een politiek onderwerp uit de stad.

Reageren? r.koops@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden