Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Honderden plekken in Amsterdam wil je niet delen met anderen

PlusMaarten Moll

Langs de Appeltjesmarkt, en over de Nassaukade de Kinkerstraat in. Altijd even naar het pand kijken waar ooit Johan Cruyff Shoetique zat.

Dan de brug over de Da Costagracht. Brug 183 is dat, en de blik rechts naar boven.

Je moet of goed kijken, of je moet het weten. Dan zie je een wit torentje dat daar als de spits van een berg boven de daken uitsteekt.

Een magische plek, stelde ik me voor.

Zichtbaar maar toch verborgen. Want hoe kwam je daar, welke trappen van welk gebouw moest je daarvoor beklimmen?

Ik was er een keer dichtbij, want de zus van vriend S. woont daar. Daar is Tetterode. Een gebouwencomplex dat in 1981 werd gekraakt en uitgroeide tot een woon- en werkplek voor kunstenaars. Afgelopen weekeinde werd daar, in de voormalige lettergieterij, het veertig­jarig jubileum gevierd.

En het torentje staat op het dak van Tetterode.

S. paste geregeld op het appartement als zijn zus een weekje weg was.

“Kunnen we naar dat torentje?” vroeg ik dan. Maar S. hield de boot af.

“Kom, we gaan naar de kroeg.”

Sommige plekken wil je niet delen met anderen.

Honderden van die plekken zijn er in Amsterdam. Huizen, gebouwen, hofjes achter hekken waar je graag eens zou willen kijken.

Aan het einde van de Overtoom had je vroeger een meubelzaak, volgens mij Sanders Meubelstad, met een etalage op eenhoog die over het trottoir uitstak. Een kennis van een kennis had in een radioprogramma daar een overnachting gewonnen (voor twee personen). Op de achtergrond was wel steeds de nachtwaker aanwezig, dus lagen hij en zijn vriendin de hele tijd met hun handjes boven de dekens in een bed met het nieuwste model boxspringmatras.

Ik ben eens boven in de Rembrandttoren geweest. Het dak van Amsterdam. Wat een uitzicht.

Maar te intimiderend eigenlijk, te weids, te groots. Je zag alles.

Vanuit de koepel op het Paleis op de Dam heb je ook een mooi uitzicht. Door het net dat daar was opgehangen om de duiven er geen zootje van te laten maken, keek je neer op de Dam. Een shot zoals je dat tijdens dodenherdenking ziet.

En dan toch stond ik op een dag in het torentje op ­Tetterode. S. vierde zijn vijftigste verjaardag. Het was er koud, eind februari, de drank verwarmde.

Op een gegeven moment het dak van het torentje op.

Niet zo hoog als de Rembrandttoren of het Paleis, maar dichter bij de mensen. Je keek bij ze naar binnen, je zag ze fietsen.

We observeerden. We waanden ons onbespied.

Een fenomenaal uitzicht.

Het was inderdaad die magische plek zoals ik het me had voorgesteld.

Alleen zag je vanaf het torentje nog veel meer wonderlijke plekken waarvan je wist dat je er waarschijnlijk nooit zou komen.

Dat je dus niet denkt dat je Amsterdam ooit helemaal zult kennen.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden