Opinie

'Homoseksualiteit wordt nog lang niet écht geaccepteerd'

In het zomerreces berijdt op zaterdag een gemeenteraaddlid zijn of haar stokpaardje. Deze week: Jan-Bert Vroege, raadslid D66.

Bezoekers tijdens de Roze Zaterdag van de Europride in het Amsterdamse Vondelpark. Beeld anp

Zo'n Gay Pride, is dat nu nog wel nodig? Moet dat nu zo overdreven? Homo's kunnen nu toch ook trouwen en kinderen adopteren? Wij hetero's gaan toch ook niet met onze blote kont op een boot staan!

In de dagen dat roze Amsterdam zich klaarmaakt voor het jaarlijkse hoogtepunt, hoor je dit soort opmerkingen geregeld. De Amsterdamse Pride, met de botenparade als hoogtepunt, wordt door velen gezien als een homo-carnaval.

Holadijee met je roze Toppers-boa langs de gracht. Met goedkope prosecco van de Appie naar de homo's kijken, want die zijn zo gezellig en zo leuk apart. Voor één dagje per jaar dan tenminste. De rest van het jaar moeten ze vooral normaal doen.

Herdenking van rellen
Vergeten wordt dat de oorsprong van de pride helemaal niet zo gezellig was. In 1970 vond de eerste Gay Pride plaats in New York, als herdenking van de rellen bij de roemruchte homobar the Stonewall Inn. Precies een jaar daarvoor waren de homo's, lesbo's en transgenders pesterijen en discriminatie van de politie meer dan zat en werd er hard teruggeslagen.

De herdenkingsmanifestatie kreeg de naam Pride, trots, als het tegenovergestelde van shame, schaamte. Openlijk kunnen zijn wie je bent, van wie je houdt, met wie je het bed wilt delen of hoe je je kleedt zonder schaamte en zonder schuldgevoel. Wees trots op wie je bent.

Sinds 1970 is er veel ten goede veranderd. Gelijke rechten op vele, maar nog niet alle, fronten. En sociale acceptatie in grote delen van de samenleving. Denkendat het daarmee voltooid is, is echter een grote fout.

Scheldwoord
Nog altijd is 'homo' het meest gebruikte scheldwoord op schoolpleinen en sportvelden. Nog altijd blijven topsporters en met name voetballers angstvallig in de kast zitten. Nog altijd doen homoseksuele jongeren tot vijf keer zoveel zelfmoordpogingen als hetero-jongeren.

De acceptatie van LHBT's blijkt vaak een dun laagje vernis, vooral gevormd door sociaal wenselijk gedrag. En onder dat dunne laagje blijkt vaak nog een dikke laag van ongenuanceerdheid en vooroordelen te zitten, met name ten aanzien van diegenen die zich 'niet normaal' gedragen.

Homo zijn is prima, maar dan wel in een heteronormatief jasje of thuis onder de dekens met de deur op slot, als het maar uit het zicht is.
En dit gebrek aan echte acceptatie is zichtbaar in de straten van Amsterdam, ooit de trotste Gay Capital of the World.

Verdwenen uit straatbeeld
Travestieten, leermannen, queers en andere paradijsvogels lijken uit ons straatbeeld verdwenen. Ze zijn onzichtbaar geworden. Niet uit vrije wil, maar vanwege het gevoel dat het niet meer kan. Omdat schelden wel voelbaar is. Of dat bespuugd worden je meer en dieper raakt dan alleen die vieze klodder.

Hoogste tijd dus om serieus werk te maken van Amsterdam als de stad waar we trots zijn op iedereen die anders is. Om de duim op te steken naar iedereen die zich niet aan de heteronormatieve vijftig tinten grijs wil onderwerpen.

Om fier te zijn op jouw zoon, dochter, buurman of collega die bijzonderder is dan gemiddeld, maar vooral zichzelf durft te zijn.

Om niet één dag per jaar, op een boot vol ballonnen, maar elke dag pal te gaan staan naast al de paradijsvogels van onze stad.

Jan-Bert Vroege Beeld Rink Hof
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden