Column

Hoeveel liefde is er nodig om zoveel haat te bevechten?

Johan Fretz Beeld Het Parool

De agent roept om genade, maar wordt afgeknald. Het beeld brandt zich op mijn netvlies en ik ben opslag terug in het studielokaal van de Filmacademie. Iemand stormt binnen. 'Theo van Gogh is vermoord!'

Op de gangen klinkt gekrijs van mensen in tranen. Iedereen snelt naar de bioscoopzaal. Het live-journaal wordt op het grote scherm geprojecteerd. Er is iets voorgoed veranderd, al weet ik niet precies wat. Wat vrijheid is, anders dan een vanzelfsprekendheid, weet ik ook niet. Wat weet ik wel? Ik ben negentien. Misschien had ik het al moeten begrijpen toen twee vliegtuigen in twee torens vlogen, of toen een man een politicus doodschoot, maar pas nu, terwijl ik de beelden zie van dat grote levenloze lichaam met een mes erin, begrijp ik het: dit zijn geen incidenten, dit is een nieuwe werkelijkheid.

Tien jaar later. Parijs ligt veel verder weg dan de Linnaeusstraat. Toch voelt het precies even dichtbij. Het enige dat ik meer weet dan toen is dat ik steeds minder weet.

Ik zit in de trein naar Groningen. Lange rit. Op weg naar een optreden, maar wat moet ik eigenlijk in vredesnaam op dat podium gaan doen? Hoe verhouden verhalen van hoop en verbeelding zich tot de kille realiteit? Mijn mensbeeld wordt op de proef gesteld. Door mijn hoofd spoken enkel vragen: hoe kun je naar het goede blijven streven, erin geloven zelfs, als je geconfronteerd wordt met zulke barbaarsheid? Hoeveel liefde is er nodig om zoveel haat te bevechten? Ik weet het niet. Er probeert zich een hardheid bij me naar binnen te vreten die ik even niet zo goed weet tegen te houden.

In mijn kleedkamertje kijk ik 'De Wereld Draait Door'. Aan de tafel van Matthijs vanavond geen snelheid, maar in alle rust zinnige gesprekken tussen andersdenkenden die naar elkaar luisteren. Adem. Troost. Ik moet opeens huilen. Waarom weet ik niet goed, maar ik weet wel dat er juist vanavond niks anders is dat ik moet doen dan op dat podium klimmen.

Grappen maken, verhalen vertellen. Ook over blijven streven naar het goede. Niet blind naïef. Nee, juist wanneer je onder ogen ziet wat voor donkerte er tegenover het goede staat, krijgt het streven naar dat goede meer betekenis. Omdat er meer moed voor nodig is. Die brengen we op. Ondanks al onze verschillen vinden we elkaar in de overtuiging dat we onze vrijheid niet laten neerslaan door barbaren. Dan staan we op, dan lopen de straten van Parijs vol, bij ons om de hoek, dan spreekt een burgemeester - Rotterdammer en Moslim - raak tot onze harten. Dan overwint de beschaving.


j.fretz@parool.nl

Wil je reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden