Babs GonsBeeld Artur Krynicki

Hoe zal deze dansdrooglegging zijn sporen nalaten bij de jeugd?

PlusBabs Gons

Een zomer zonder festivals en zonder dansen ligt achter ons. Een jaar geleden zag ik op Oerol op Terschelling een paar puberjongens samen dansen. Het was prachtig om te zien, de schaamte had nog niet toegeslagen. De lichamen vielen nog iets te ruim. Met hun in verhouding net iets te lange benen, nog niet geheel ingelopen, dansten ze hun zelf bedachte choreografie op de discotunes tussen het al aardig dronken geworden festivalpubliek. Een vader deed iets te hard zijn best om mee te dansen, maar ze negeerden hem hardnekkig en deskundig.

Zo vind ik ze op hun mooist, die tieners, die niet weten hoe snel ze naast je moeten kruipen bij onweer, handje nog vast op straat, maar die al de contouren vertonen van de volwassenen die ze gaan worden en steeds meer hun eigen leven krijgen. Waar ze je overigens steeds minder over vertellen. Zoals na de eerste disco van mijn tienerzoon.

“Hoe was het?”

“Leuk.”

“Vertel eens.”

“Nou gewoon leuk.”

Maar deze zomer werd er niet gedanst. In ieder geval niet legaal. En we missen het. Een rondje in mijn vriendenkring bevestigt het. Straatinterviews op televisie bevestigen het. Berichten op sociale media schreeuwen het uit en mijn onrustige benen bevestigen het. Ik betrap mezelf erop dat ik overal dans zodra er maar iets van geluid klinkt. Ik dans tussen de langer houdbare producten in de supermarkt op Sky Radio. Mijn voeten beginnen heen en weer te bewegen op de ringtone van een passagier voor me in de bus. Ik dans op het gepiep-piep-piep van de vrachtwagen die achteruitrijdt.

Overal is ritme. De duiven in de bomen voor het huis zijn dj’s. De regen drumt een monotone bassline op het raam. En ik herken het gemis in anderen, ik zie lichaamsdelen op straat die eigenhandig bewegen op onhoorbare beats. Ellebogen die even snel een boogie doen voordat het geld op de toonbank wordt gelegd. Billen die iets meer wiegen op het ritme van de slaloms van ons nieuwe dagelijkse leven.

Ik kan het niet helpen me af te vragen hoe deze dansdrooglegging zijn sporen zal nalaten bij onze opgroeiende jeugd. Hoe leeg en verdrietig de dansvloeren er in de stad er nu bij staan.

Ik weet het, het komt wel weer. De dag dat we onze lichamen los mogen laten op dansvloeren door de hele stad. Dat onze voeten nachten door zullen dansen op festivals, dat we weer chachacha’s mogen doen in buurthuizen, met de handen ineengestrengeld schuifelen op ouderensoosen. En ik weer vol spanning mijn zoon sta op te wachten na een fris feestje, we door de nacht naar huis fietsen en ik dan vraag:

“Hoe was het?”

En hij dan zegt: “Gewoon, leuk.”

Spokenwordartiest, schrijver en ­docent Babs Gons maakt ons deelgenoot van haar belevenissen. Reageren? b.gons@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden