James Worthy. Beeld Agata Nowicka

Hoe lang mag de omhelzing duren?

Plus James Worthy

Het is 23.57 uur. Ze zitten naast elkaar op het volle dakterras. Een volwassen man deelt sterretjes uit.

“Vind je het vervelend als ik de eerste ben die je een gelukkig nieuwjaar wenst?” vraagt ze.

“Nee, hoor, ik ken voor de rest niemand op dit feestje. Ga dus vooral je goddelijke gang.”

“En hoe lang mag mijn omhelzing duren?”

“Zijn daar regels voor?”

“Ja, mijn moeder zegt altijd dat een oud-en-nieuw­omhelzing niet te lang moet duren, want dan lijkt het of je bang voor het nieuwe jaar bent.”

“Maar dat ben ik ook,” zegt hij.

Ze staan op het dakterras en kijken naar het vuurwerk. Nee, hij kijkt naar het vuurwerk. Zij kijkt naar de mensen op het dakterras en hoe ze allemaal naar iemand zoeken om een gelukkig nieuwjaar te wensen. De helft van de aanwezigen zit in zijn of haar telefoon. Geen bereik. Een man in een klapstoel doet of hij aan het bellen is.

“Ik ben blij dat ik jou mag omhelzen,” zegt ze met haar hoofd rustend op zijn linkerschouder.

“Toen ik klein was, heb ik een keer een brief aan een vuurpijl vastgeplakt. Ik was een jaar of negen en hoorde dat nummer van Hazes. Maar ik had geen geld voor een vlieger, dus ik kocht een vuurpijl.”

“Een brief voor je moeder?”

“Ja, maar op het moment dat ik de pijl aanstak, liet de brief los. Mijn vader zag het. Hij pakte een joekel van een vuurpijl uit de schuur en plakte de brief er met de sterkste lijm op. Daarna pakte hij een nietmachine en drukte twintig nietjes in de pijl. Met een benzine­aansteker stak hij onze buitengewone postduif aan.”

“Wat stond er in de brief?”

“Gewoon kinderdingen. Ik mis je en papa doet echt moeilijk over zakgeld.”

Het is 00.12 uur. Ze zijn elkaar nog steeds aan het omhelzen. De mensen dansen om hen heen. Een dj met geblondeerd haar draait de muziek van vorig jaar.

“Zullen we gaan?” vraagt ze.

“Waar wil je heen dan?”

“Ik weet wel een plekje.”

Ze lopen door de stad. De appelflapocalyps is hier. Een meisje in een Ajaxshirt gooit glitters over iedereen heen. Een getrouwde man met een bierbuik en champagneogen danst net iets te sensueel met de buurvrouw. Een tiener heeft wasbenzine in de tramrails gegoten en aangestoken. Hij staat tussen de vlammen. Zijn moeder maakt een foto van hem met zijn telefoon.

“We zijn er,” zegt ze.

“Deze plek ken ik. Dit is de Hogesluis. De 246ste brug van Amsterdam.”

“Dat weet ik. Dit is mijn plekje. Je hebt wat glitters in je haar. Heb ik dat ook?”

“Ja, maar het ziet er mooi uit. Het is net of de sterren verstoppertje spelen in jouw haar.”

“Ik wil je fucking graag kussen, maar het is 1 januari. Als we 1 januari te mooi maken, kan de rest van het jaar alleen maar tegenvallen.” En toch kust ze hem. Ze drukt twintig nietjes in zijn lippen. Cupido zit op het dak van Carré. Hij vuurt een pijl op het tweetal af.

Amsterdam, maak er een prachtig jaar van. Je kunt geen 2020 schrijven zonder 020.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden