Opinie

‘Hoe kijken we over honderd jaar naar de strijd tegen drugs?’

Hoe kijkt een toekomstige historicus naar de Nederlandse strijd tegen drugs? De vraag naar de producten blijft, denkt Stephen Snelders, en dus zal de illegale aanbodzijde zich altijd snel herstellen.

Bij een visvijver in het Brabantse Alphen werd in 2015 twintig 25 kilotonnen gevonden waar waarschijnlijk apaan in zit, een grondstof om xtc te maken. Beeld ANP/Toby de Kort

Wat voor drugsbeleid zal Nederland over honderd jaar kennen? En wat zal een toekomstig historicus dan vinden van de recente uitspraken van minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid?

Onlangs pleitte de minister voor het aanpakken van pillenconsumptie op festivals. Nieuwe designerdrugs moeten sneller verboden kunnen worden, producenten en kwekers moeten zelf gaan betalen voor het ontmantelen van hun drugslabs en kwekerijen, en er gaan ‘nieuwe, slimme technische’ oplossingen komen voor het probleem van de grenscontrole op het drugsverkeer. 

Daarmee wil Grapperhaus een einde maken aan het in zijn ogen beschamende feit dat het kleine Nederland een leidende rol heeft in de wereldwijde drugshandel en -productie.

Zal de toekomstig historicus in 2119 (misschien tegen die tijd een kunstmatige intelligentie, laten we hem Histobot2119 noemen), zal Histobot2119 de uitspraken van Grapperhaus als een keerpunt zien? Zal Histobot2119 ze kenschetsen als het begin van een triomftocht waarin de Nederlandse overheid eindelijk de overwinning haalde in de ‘War on Drugs’?

Dit lijkt uiterst onwaarschijnlijk. We kunnen de toekomst uiteraard niet in een glazen bol zien. Maar we kunnen wel extrapoleren op basis van een eeuw lang ervaringen met het prohibitiebeleid. De eerste Opiumwet (die zich richtte op onder andere opium, heroïne, en cocaïne) werd immers precies honderd jaar geleden, in 1919, aangenomen. 

Op basis van de historische ervaringen kunnen we vooruitlopen op de toekomstige conclusies over de hernieuwde intensieve aanpak van vandaag.

Tijdelijke overwinningen

Om te beginnen moet gezegd dat vanuit Grapperhaus’ perspectief de ideeën nog niet zo gek zijn. De minister wil immers niet alleen aanbod, maar ook vraag aanpakken. Aanpakken van het aanbod alleen zou niet voldoende zou zijn geweest. Niet omdat daarin geen resultaten werden gehaald. Integendeel, flinke overheidsinvesteringen leidden op korte termijn wel degelijk tot meer geslaagde opsporingen en inbeslagnames.

De overheid in binnen- en buitenland won regelmatig slagen in de ‘War on Drugs’. Histobot2119 zal er echter op wijzen dat het winnen van een slag nog niet het winnen van de oorlog betekende. Hij zal laten zien dat er voor elke zogenaamde ‘drugsbaron’ die in de gevangenis terecht kwam weer spoedig nieuwe opstonden.

We kunnen speculeren dat hij in zijn analyse hiervan drie punten centraal zal stellen. Ten eerste zal hij waarschijnlijk laten zien dat, net zoals in de hele eeuw vóór Grapperhaus, de investeringen van de overheid om het drugsbeleid uit te voeren altijd van tijdelijke aard zullen zijn. 

Er zijn altijd weer andere problemen waar ook geld en menskracht naartoe moeten. Tijdelijke maatregelen brengen alleen tijdelijk verlichting, aangezien het drugsprobleem van structurele aard is, zowel aan de aanbod- als de vraagzijde.

Vraagmarkt

Als tweede punt namelijk zal Histobot2119 aantonen dat de illegale aanbodzijde zich ondanks alle klappen altijd weer snel hersteld heeft, juist omdat ze altijd sterk gedecentraliseerd en gefragmentariseerd is geweest.

Eén centrale organisatie als kern van de drugswereld, zoals in de Kuifjestrip De sigaren van de Farao, heeft nooit bestaan. Histobot2119 zal bevestigen wat zijn voorgangers en wat criminologen al stelden: dat drugshandel zijn wortels heeft in een ‘gedesorganiseerde misdaad’ met een sociale basis in allerlei bevolkingsgroepen.

Tijdelijk stonden delen van die gedesorganiseerde misdaad onder druk, en moest bijvoorbeeld productie uitwijken naar buurlanden of naar Oost-Europa. Histobot2119 zal ongetwijfeld aantonen dat aanvoerroutes zich tussen 1919 en 2119 altijd weer hebben hersteld.

Dit heeft te maken met het derde punt in zijn analyse. De ­illegale drugsmarkt is een vraagmarkt. De geschiedenis toont immers aan dat, of we dat nu leuk vinden of niet, genotsmiddelen altijd allerlei economische, sociale en culturele functies in onze maatschappij hebben gehad. Consumenten willen drugs en dat zal niet zijn veranderd in de eenentwintigste eeuw.

Wel raken bepaalde drugs uit de mode en misschien zal Histobot2119 aangeven dat de populariteit van verschillende soorten ten opzichte van elkaar is toe- of afgenomen. Hij zal ook laten zien dat het idee van een drugsvrije samenleving een illusie is geweest, en dat publieks­campagnes van de soort ‘Just Say No’ tot mislukken waren gedoemd.

Weerstand en normalisatie

Tot slot zal Histobot2119 de uitspraken van Grapperhaus kunnen plaatsen binnen een nog veel langer cultuurhistorisch langetermijnperspectief. Nieuwe genotsmiddelen hebben een bepaalde tijd nodig om te normaliseren binnen een maatschappij.

Ze roepen weerstanden op. Grapperhaus’ uitspraken zullen voor Histobot2119 dan ook een teken zijn van culturele weerstanden, gebaseerd op een inherent puritanisme in de Nederlandse maatschappij. Uiteindelijk zullen, gezien vanuit 2119, smokkelaars en producenten van illegale drugs eenzelfde rol hebben vervuld als in vroeger eeuwen handelscompagnieën zoals de VOC.

Die compagnieën leverden de nieuwe genotsmiddelen (toen tabak, koffie, thee, chocolade) die werden gevraagd door een groeiend publiek van consumenten. Daarmee droegen ze bij aan de normalisatie van deze genotsmiddelen in de maatschappij. Histobot2119 zal uiteindelijk uitspraken en beleid van de minister plaatsen binnen deze strijd in onze maatschappij over normalisatie en over wat geaccepteerde gebruiksvormen van nu nog illegale drugs zijn.

Misschien dat tegen 2119 in Nederland een geheel ander drugsbeleid gevoerd zal worden dan nu, en dat Histobot2119 het opkomen van zo’n beleid zal relateren aan het falen van de huidige aanpak.

Stephen Snelders, historicus aan de Universiteit Utrecht. Hij voltooit momenteel een nieuwe geschiedenis van de Nederlandse drugshandel in de twintigste eeuw.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden