Lezersbrief

‘Hij weet zeker dat hij binnen afzienbare tijd zal sterven’

Wat denk je als psycholoog als de cliënt die tegenover je gaat zitten met een twinkel in zijn ogen verklaart: ‘Het is zover, ik ga dood’? vraagt Paroollezer Daniel M. Campagne zich af in deze ingezonden brief. 

'Aristotels en Plato' door RaphaelBeeld Historiek

Het was twee maanden geleden. Als therapeut zie ik dat het geen grapje is, maar een ontdekking. Hij weet zeker dat hij binnen afzienbare tijd zal sterven. Een inzicht. Hij is 86.

Zeker, zeker, we gaan allemaal dood. Die biologische onoverkomelijkheid haalt als oubollige levenswijsheid nog steeds de koffietafel. Maar echt voelen dat je nú doodgaat, dát is wat anders. Die bewustwording verandert je perspectief. Beter gezegd, verandert alle perspectieven.

Zoals mijn bezoeker in zijn vijftig minuten verhaalde: in de dagen ná het inzicht veranderde zijn mening over steeds meer dingen, ook de wat hij eerder dacht diépgewortelde overtuigingen te zijn. Bepaalde dingen werden minder of niet belangrijk, andere werden het opeens veel méér. Hij wilde zijn verwondering over die veranderingen met mij delen. ‘Waarom voel ik geen verlies?’; ‘Waarom ben ik niet bang?’; ‘Waarom ga ik dood?’

Bang zijn voor de dood heeft te maken met bang zijn voor verlies. Vooral het idee van verlies van zelf of van je zelfzeggenschap kan afschrikwekkend zijn. Dementerende patiënten die voelen dat ze de zelfzeggenschap aan het verliezen zijn, krijgen daardoor paniekaanvallen.

Ik vraag: “Waarom ben je niet bang?” Mijn bezoeker vertelt dat hij niet bang is, omdat hij voelt dat doodgaan zoiets is als oplossen in de lucht, of in het oneindige. Dat je niet ophoudt, maar oplost.

Ik opper het idee dat we uit energie bestaan en dus onze vorm kunnen verliezen zonder die essentie kwijt te raken, zoals Plato het beschreef. Maar hij zag die parallel niet zitten: “Ik voel dat ik niet ophoud, dus mijn ik blijft.”

Daarop opper ik dat het concept van de onsterfelijke ziel ook al heel lang bestaat en veel mensen overtuigt. “Nee,” zegt hij. “De ziel is zoiets als de essentie van je persoon, maar ik voel dat mijn ik een niet-persoonlijke maar wél onsterfelijke essentie is die gewoon blijft. Wáár maakt niet uit.” Een persoonlijke interpretatie die hem rustig maakt, positief zelfs. Er was geen ‘niets’, maar wel een eeuwigdurend ‘alles’.

Gedurende heel ons gesprek bleef hij ontspannen en geamuseerd. Mét de twinkel in zijn ogen. Kennelijk kan doodgaan leuk zijn. Zoiets als een warme douche nemen, in bed stappen, en droomloos slapen. Mijn bezoeker is gisteren overleden.

Daniel M. Campagne, La Nucía (Spanje)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden