Natascha van Weezel. Beeld Artur Krynicki
Natascha van Weezel.Beeld Artur Krynicki

Het ziekenhuisbezoek dat mijn ogen opende voor de grimmige realiteit in de zorg

PlusNatascha van Weezel

Natascha van Weezel

Al een aantal dagen zingt de term ‘code zwart’ rond in de media. Een scenario waarbij de zorg zó overbelast raakt door de coronapandemie, dat medici moeten kiezen tussen de levens van patiënten. Voor een leek als ik klonken deze berichten nogal overdreven. De laatste weken groeit het aantal coronapatiënten in de ziekenhuizen gestaag, ook op de intensive care. Dat weet ik natuurlijk, maar in het voorjaar van 2020 lagen er ruim 1300 coronapatiënten op de ic. Nu zijn dat er zo’n 400. Dus vanwaar die paniek?

Afgelopen dinsdag gebeurde er iets waardoor ik hier met totaal andere ogen naar ben gaan kijken. Rond één uur ’s middags werd ik gebeld door een goede vriendin. Ze was in paniek: “Mijn moeder wordt met spoed opgenomen in het ziekenhuis, ze is net opgehaald door de ambulance.” Haar moeder, K., lijdt al enkele jaren aan de longaandoening COPD en had een acute aanval gekregen. Ik besloot onmiddellijk naar mijn vriendin en haar moeder toe te gaan.

Op de spoedeisende hulp heerste een grote chaos, dokters en verpleegkundigen renden in de rondte. Het werd al snel duidelijk dat K. een speciaal soort beademingsapparaat nodig had. Daarvoor moest ze eerst worden opgenomen. Er kon alleen geen kamer voor haar worden gevonden: de longafdeling lag vol met coronapatiënten. Vijf uur lang zaten we op de spoedeisende hulp, terwijl K. steeds suffer werd door een koolstofdioxidestapeling in haar bloed. Na een toiletbezoek zag ik dat het inmiddels zo druk was dat er drie patiënten op brancards in de gang moesten blijven liggen. Ook op de spoedafdeling waren alle kamers bezet.

Uiteindelijk werd er een bed voor K. gevonden in de neurologievleugel. Een longverpleegkundige kwam langs om de beademing aan te sluiten. Eerst controleerde ze K.’s saturatie. De verpleegkundige trok lijkbleek weg en droeg haar assistente op om de dokter te bellen. Tegelijkertijd startte ze de beademing zo snel als ze kon. Het was duidelijk dat ze geen minuut langer wilde wachten.

Gelukkig gaat het inmiddels beter met K., maar na afloop hoorden we dat ze bijna in coma was geraakt. Haar saturatie was alarmerend laag. Ze had veel eerder beademd moeten worden. Het is gek dat ik dit ziekenhuisbezoek nodig had om me te realiseren hoe nijpend de situatie in de zorg op dit moment daadwerkelijk is. Het personeel is moegestreden. Ze rennen de benen uit hun lijf en hebben niet eens tijd om fatsoenlijk te eten.

Tijdens de eerste golf leek iedereen zich een stuk bewuster van het enorme gevaar van corona. Bijna twee jaar later snakken we naar ons normale leven, zonder lockdowns of andere beperkende maatregelen. Dat is logisch, maar we moeten niet doen alsof het gevaar is geweken. De realiteit is véél te grimmig om te bagatelliseren.

Natascha van Weezel (1986) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? natascha@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden