Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Het tuinhuisje van Jan Wolkers staat er nog

PlusMaarten Moll

Het water was al verdampt en de fluitketel zwartgeblakerd toen ik de vol stoom staande keuken in kwam en de ernst van de situatie inzag.

Het vocht droop van de wanden.

Snel het vuur uitgedraaid.

Het tuinhuisje van Jan Wolkers staat er nog.

Het klepje stond open, waardoor de ketel niet was gaan fluiten. Ik was ook vergeten dat ik water op had staan, want ik zat met mijn geheugen in de knoop.

Niemand die opheldering had gegeven over de grafzerk die ik vorige week in de Oude Kerk had gezien, en waar de geheimzinnige tekst Geele Handt op staat.

Ik kreeg een mail over een buurtschap bij Wanneperveen, genaamd Blauwe Hand.

De Groene Hand bestaat ook, het is een webportaal voor tuingereedschappen. (Jan trok hier gewoon alles met z’n blote klauwen uit de grond.)

Er bestaat een kunstenaarsgroep die De Rode Hand heet.

In het boek dat ik net las, Dagen als gras, van Jens Christian Grøndahl, komt een beweging voor die ManoBianco heet, de Witte Hand.

En in mijn jeugd las ik het geweldige Pietje Bell en de Zwarte Hand.

Maar nergens ook maar een spoor van De Gele Hand. Ik probeerde op allerlei manieren op internet te zoeken, maar niets. (Nee, er heeft ook nooit een Chin. Ind. Spec. Rest. met die naam bestaan (excuses voor de stereotypering).)

Het mysterie groeide.

Onbewust moet ik Pietje Bell en de Zwarte Hand hebben ingetikt.

Er verscheen niets op mijn scherm.

Huh?

Dat was het moment, denk ik, dat ik de fluitketel echt vergat.

Ik kon me het boek nog zo voor de geest halen. Met op het omslag een zwarte hand.

Maar hoe ik ook zocht, het boek bleek niet te bestaan.

Dan ga je toch twijfelen aan jezelf.

Ik ben natuurlijk niet de enige die dit overkomt. Ik las er onlangs over in Het vergeten kwaad, van Peter Delpeut. Op de openingsbladzijden gaat het over… handen. De handen van Maria’s op schilderijen van Bartolomeo Montagna. Die doen hem denken aan de handen van zijn moeder.

En dan herinnert Delpeut zich een foto van hem en zijn moeder, langs de kant van de weg, wachtend op een optocht. Hij mailt zijn zus, of zij hem de foto wil mailen.

‘O, natuurlijk, mailde ze terug, ik ken die foto heel goed. Alleen sta jij niet op die foto, maar ik.’

Hoe herinneringen je voor de gek kunnen houden. (Goed boek, overigens, Het vergeten kwaad. Over de ‘vergeten’ herinneringen van filmer Jonas Mekas.)

In welke Pietje Bell gaat het dan over de Zwarte Hand?

Ik had behoefte aan koffie, en trok de deur van de keuken open.

De witte fluitketel had een zwarte buik gekregen.

Snel het vuur uitgedraaid.

Ik had het klepje toch neergelaten?

Ik verbrandde mijn hand aan de gloeiendhete ketel.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden