Erik Jan Harmens Beeld Artur Krynicki
Erik Jan HarmensBeeld Artur Krynicki

Het stoort me dat deze man vol leven zit

PlusErik Jan Harmens

Ik woon aan een sloot en aan de overkant is een man zijn huis aan het schilderen. Hij heeft een enorme koptelefoon op zijn hoofd en fluit keihard mee met de muziek waarnaar hij luistert. Het gevolg is dat ik me nergens meer op kan concentreren.

Tot mijn verrassing begint hij ineens een jazzrocknummer uit de jaren tachtig ten gehore te brengen: Garden Party van Mezzoforte. Ooit hield ik daarvan, die mengeling van jazz en rock die je gerust lottoballenmuziek kunt noemen. Letterlijk, want als op zondag de lottotrekking op televisie kwam met de ballen, de molen en de plexiglazen kokers, klonk er altijd jazzrock op de achtergrond.

Ik denk dat ik van die muziek hield omdat mijn vader ervan hield. Die was vertrokken toen ik negen was en na jaren radiostilte kregen we op mijn veertiende eindelijk weer contact. Als ik bij hem ging logeren nam ik elpees mee van bands als Koinonia, Spyro Gyra en dus Mezzoforte. Dan zat hij goedkeurend in zijn stoel mee te knikken en voelde ik binnen in mij een warme gloed van verbondenheid.

Mijn vader floot ook mee met de muziek, maar een stuk zachter dan die man aan de overkant van de sloot met de koptelefoon op zijn hoofd. Misschien stoort het me wel dat deze man nog vol leven zit, terwijl mijn vader al zestien jaar dood is. Of zeventien, ik ben de tel kwijtgeraakt. Beter gezegd ben ik nooit met tellen begonnen. Eerst was hij pas overleden, later werd het langer geleden. De Frans-Algerijnse schrijver Albert Camus begint zijn roman De Vreemdeling met de woorden: ‘Vandaag is moeder gestorven. Of misschien gisteren, ik weet het niet.’ Precies zo is ook mijn beleving van tijd.

Komende zondag is benn posset 26 jaar geleden overleden. Je schrijft zijn naam met kleine letters, dat wilde hij graag, waarom weet ik niet meer. Benn organiseerde in de jaren zeventig en tachtig in Amsterdam een befaamd literair festival: One World Poetry. Hij haalde schrijvers en dichters als Paul Beatty, Allen Ginsberg, Linton Kwesi Johnson en Lydia Lunch naar Nederland. Ik werd zijn assistent en samen organiseerden we in De Melkweg onder andere een hommage aan beatlegende William Burroughs, die hoogstpersoonlijk met kenmerkende kraakstem via de telefoon de zaal toesprak vanuit een kelder in Kansas, waar hij zich met zijn poezen schuilhield voor een tornado.

Ach benn, ruim een kwart eeuw ben je al weg, maar wat mis ik je. Je hield niet van jazzrock, maar wel van dromen. Op je uitvaart draaiden we How can we hang on to a dream van Tim Hardin. Ik zet het nu weer op en zing steeds harder mee, net zolang tot ik het gefluit van die lul aan de overkant van de sloot overstem.

Erik Jan Harmens (1970) is schrijver en dichter. Hij schrijft elke week over prikkels en andere zaken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden