Patrick Meershoek Beeld Maarten Steenvoort

Het probleem van de zingende koolmees in Amsterdam

Plus Column

Tijdens de nationale tuinvogeltelling werden het afgelopen weekeinde in Amsterdam 1313 halsbandparkieten, 1422 huismussen en 2192 koolmezen geturfd.

In de meeste huishoudens zullen deze cijfers voor kennisgeving zijn aangenomen, maar mijn reactie was een overweldigend gevoel van opluchting.

Dat had alles te maken met de goede prestaties van de koolmees, en de alarmerende inhoud van een rapport van de Universiteit van Leiden dat ik onlangs had gelezen over de problemen die deze sympathieke zangvogel ondervindt in een grote stad die steeds meer lawaai produceert.

Het rapport maakte deel uit van de stortvloed aan informatie die de gemeenteraad heeft moeten verwerken om een doortimmerd besluit te nemen over het nieuwe evenementenbeleid.

Over werkelijk alle aspecten is het afgelopen jaar nagedacht, van de gevolgen van alle feesten voor de bodemplaat in de parken tot de consequenties van een verstoorde nachtrust op het welzijn van mens en dier.

Ik had zelf eerlijk gezegd meer gelezen dan mij lief was, maar de studie naar de koolmees was nieuw voor mij.

Het blijkt dat de koolmeesmannen in normale omstandigheden hun vrouwtjes verleiden door het zingen van afwisselend hoge en lage liedjes. Vooral de lage liedjes zijn van beslissend belang. Die worden van stal gehaald op het moment dat het moment van bevruchting is aangebroken.

Barry White, dacht ik meteen, en zag een iets te zware koolmees voor me die uitbarst in You are the first, my last, my everything.

Ja, knappe koolmeesvrouw die dan niet voor gaas gaat. Ik herinnerde me het verhaal van een collega die de zanger in een duur Engels hotel mocht interviewen.

De walrus of love was al op leeftijd, maar toen hij met zijn donkerbruine bariton informeerde of ze een kopje thee wilde, was ze op slag haar vragen vergeten, evenals het feit dat ze thuis nog een man en kinderen had.

So far, so good. Het probleem van de koolmees in Amsterdam is dat door het lawaai van verkeer, festivals en andere activiteiten zijn lage liedjes niet meer worden gehoord.

De vrouwtjes reageren in toenemende mate alleen nog op de hogere liedjes, met als gevolg dat de mannen hun zang aan de omstandigheden aanpassen.

Dus dat is de verschrikkelijke conclusie: we zijn met al onze feestdecibellen druk bezig de kleine Barry White te transformeren in een kleine Frans Bauer die met zijn tenor aan het vrouwtje vraagt of zij wat tijd voor hem wil vrijmaken.

Gezelligheid kent geen tijd natuurlijk, maar een polonaise is nog iets anders dan een geslaagde bevruchting.

Het slaapkamergeluk van de koolmees zal volgende week vermoedelijk geen onderdeel worden van de beraadslagingen, wanneer de raad uitgebreid spreekt over het evenementenbeleid.

Maar als volgend jaar uit de resultaten van de tuinvogeltelling blijkt dat de koolmees een vrije val heeft gemaakt op de ranglijst, weten u en ik precies hoe dat komt.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden