Maarten MollBeeld Sjoukje Bierma

Het onderdeurtje dat even een grote mond opzet

PlusMaarten Moll

We hebben allemaal een plek waar we tot rust komen.

Tenminste, dat neem ik aan.

In films en series zien we dan vaak een man of een vrouw, vaak ook met een koffiemok in de handen, aan zee staan. En maar in de verte staren. Een laatste slok, en dan omgedraaid en kordaat terug naar het leven lopen om een net genomen beslissing kracht bij te zetten.

Zoiets.

Maar ik heb geen zee.

En het is me ook niet per se te doen om het nemen van een beslissing (eerder lege flessen en oude kranten weggooien). Ik staar weleens wat uit het raam, maar een gedachtestroom, al dan niet helder, blijft meestal uit. Beslissingen kunnen altijd en overal worden genomen (zomaar op de fiets: ik kijk geen Zweedse politieseries meer, wandelend met de hond: waarom nog langer wachten met het uitzoeken van de sokkenla?).

Ik heb wel het rode boompje.

Bijna een jaar geleden appte ik mijn dochters een foto van het rode boompje. Een traditie.

Op weg naar school, of de supermarkt kwamen we in de herfst in Meerpark altijd langs een kleine boom die anders was dan de andere in de rij. Felle rode bladeren te midden van de bomen die hun groengeelbruine bladeren nog even vasthielden voor ook die van de takken dwarrelden.

Een schitterend schouwspel.

Het onderdeurtje dat even een grote mond opzet.

De meiden zijn al tijden met andere dingen bezig, maar ik blijf ze jaarlijks herinneren aan het rode boompje.

Nou ja, het boompje is een boom aan het worden, en wordt nog steeds rood in de herfst.

Je moet het wel opmerken. De boom brult maar kort, en verliest als eerste zijn blad.

Het kijken naar die rode pracht is contemplatieve transitie (wat?), een jaarlijks oplaadmoment (schrijf ik dit echt?). Ik ben niet zo’n natuurkijker, al kan ik lang over een slak gebogen staan die over het pad kruipt, maar die rode bladeren… (dat ding in de Hortus dat een keer in de 674 jaar bloeit is er niets bij).

Vorig jaar heb ik het vergapen helemaal gemist. Ik heb geen aandacht aan de boom besteed. Toen het rode boompje aan me begon te knagen fietste ik er in paniek naartoe.

Ik appte een foto van een lege boom naar mijn dochters. En rampspoed kwam over de wereld.

Dat zou me niet nog een keer gebeuren. Ik fietste om, en hield de boom weken in de gaten.

Dit jaar was ik er op tijd bij. Gisteren stond ik voor de boom. Ik boorde mijn blik in het rood en bleef lang staan. Een weldadige rust (ik kan het niet anders omschrijven) kwam over me.

Voor ik me omdraaide maakte ik een foto.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden