PlusMarjolijn de Cocq

Het nog-zieliger-dan-Flappieverhaal

Marjolijn de Cocq. Beeld Artur Krynicki
Marjolijn de Cocq.Beeld Artur Krynicki

‘Ik wou dat er gewoon helemaal geen kerst was!” verzuchtte mijn moeder aan de telefoon. Ze was al nooit zo kerstig, en daarvoor had zij haar redenen. Uit haar vroege jeugd was er het nog-zieliger-dan-Flappieverhaal: het konijn van haar broertje Piet, dat hij veiligheidshalve mee naar bed had genomen maar de volgende dag toch moest opeten – tot aan zijn dood zou hij tijdens de ­jaarlijkse kerstdiners bij mijn opa en oma thuis alleen geprakte aardappels met jus eten.

Dan was er de familievete, ontstaan doordat diezelfde opa na de dood van mijn oma hals­starrig had geweigerd nog bij ons aan de kerstdis plaats te nemen als er wijn geschonken werd. Ze waren altijd van de Blauwe Knoop geweest (al serveerde mijn oma haar zelfgemaakte bowl met boerenjongens omdat ze dat zulke ‘lekkere krentjes’ vond en was ze dol op kersenbonbons) maar op hoge leeftijd werd hij zo rabiaat dat het zelfs mijn ouders – uiterst matige drinkers overigens – uiteindelijk genoeg was. Het zou in de lange jaren dat hij nog leefde, over de honderd werd hij, een schaduw werpen over het lichtfeest – en nog.

En ik moet denken aan (we spreken jaren zeventig) haar hysterische rondedans door de huiskamer als de kaarsjes in de kerstboom waren ontstoken. Een in potentie prachtig ­ritueel – we lazen er elkaar als atheïstisch gezinnetje bij voor uit Sprookjes uit alle landen van Antoon Coolen – ware het niet dat mijn moeder haar angstvisioenen van huis in de hens zelfs door de rond de boom opgestelde emmers water niet liet blussen.

Dit jaar is haar in alle virusangst ook het allerlaatste lustje tot kerst benomen. Plus: ik mag met mijn gezin van vier niet bij hen, zij kunnen niet met z’n tweeën naar ons (wat dan weer wel had gemogen) omdat hun actieradius is beperkt sinds mijn vader eerder dit jaar ternauwernood aan de dood ontsnapte. Dat ik voorstel tweede kerstdag lekker bij hen te komen koken – ach kind, zo’n gedoe, zou je dat nou wel doen?

Ja mam, dat zou ik. En het staat nu zwart op wit. Bovendien heb ik Koken, eten, leven in handen, de Nieuwe Nigella, waarin zij een lans breekt voor deze kerst met beperkingen. Want: ‘Wij mensen hebben rituelen nodig, voor mij wordt met de kerst in die behoefte voorzien door koken en samen eten.’ En: ‘Nooit zal ik afstand doen van mijn traditionele kerstlunch.’

De cocktail die ze aan haar menu vooraf laat gaan – Poinsetta, een fles prosecco gemixt met 1,25 dl Cointreau en 5 dl cranberrysap – wordt ’m niet. Zonde van de prosecco, lijkt me, en mijn ouders drinken al jaren helemaal niet meer (ja opa, heb je toch nog je zin). Maar die sprookjes van Coolen, zouden we die nog ergens hebben?

Reageren? m.decocq@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden