Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Het Magic Circus staat er weer (maar ze willen niet mee)

PlusMaarten Moll

“Het staat er weer,” zeg ik met behoorlijk wat enthou­siasme in mijn stem.

Oudste Dochter kijkt op van haar scherm.

“Wat?”

“Het Magic Circus.”

Haar blik gaat weer naar een van de laatste afleveringen van Suits.

“Het Magic Circus!”

“Ja, ik hoorde je wel hoor,” zegt ze.

Eerder die dag fietste ik langs de Jaap Edenbaan en stak ik de Kruislaan over toen ik verderop op het grasveld aan de Radioweg de tent zag staan. Het Magic Circus. Ik ben vaak met de meiden naar dit in Amsterdam beroemde stadscircus geweest.

Ik bleef even staan kijken.

Elk jaar als we de tent zagen staan, was de bakfiets te klein. “Het circus! Het circus! Gaan we naar het circus!” En we gingen naar het circus. Trapezewerk, een acrobaat, clown Jofri, jongleurs, een act met kleine dieren.

“Weet je er nog veel van?”

Oudste Dochter kijkt weer op.

“In de pauze kregen we een suikerspin van de clown.”

“Dat is wat je je ervan kunt herinneren?”

“Hadden ze niet een keer een zee nagemaakt? Sorry, pap. En dat jij altijd zo blij was.”

En Plaksnor kunnen ze zich nog wel herinneren, denk ik.

Dat was in de Dordogne, bij Belvès. Cirque Ulmann, als ik het goed heb. Zo’n driemanscircus met zes bankjes. Het slangenmens leek op de kassajuffrouw, en de sterkste man op de clown. En de veertien-, vijftienjarige jongen die jongleerde met twee knotsen was ook de magiër.

Die magiër, met plaksnor, luisterde naar de naam Mr. Mysticus. En de meiden zaten ademloos te kijken hoe hij met wilde armgebaren voor een paarse wasteil stond te dansen. Dat zijn plaksnor er half bij hing, ontging ze.

Ze hielden me allebei vast en ze slaakten verrukkelijke kreten toen Mr. Mysticus na het uitspreken van onverstaanbare bezweringen – met een snelle beweging werd de snor weer vastgeplakt – uit de teil een hondje, opgetuigd met een geel hoedje en een roodglimmend jasje tevoorschijn toverde. Dat het rookbommetje dat het een en ander moest verhullen iets te laat afging, hadden ze niet door.

Nog jarenlang was ‘dat hondje’ het enige wat ze konden reproduceren van de zomervakanties.

De meiden waren al wat groter toen ik op een dag tijdens het avondeten heel vrolijk achter de oren van Jongste Dochter kaartjes voor het Magic Circus vandaan toverde.

Ze wilden niet meer.

“Er zijn ook hondjes,” probeerde ik nog.

Deze week staat er dus een circus in de buurt.

“Het was altijd leuk, toch, het Magic Circus?” zeg ik.

Oudste Dochter kijkt me aan. Ik kijk terug.

“Heb je zin in een suikerspin?”

“Je mag gerust gaan hoor,” zegt ze, “ik zal het niet doorvertellen.”

Rotmeid.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden