Column

Het klinkt vriendelijk, maar is dodelijk voor de vrijheid van mening

Theodor Holman Beeld Wolff

Dit zijn voor mij de ergste en engste zinnen van officier van justitie Wouter Bos: "In onze democratische rechtsorde is de vrijheid van meningsuiting een groot goed. Maar deze mag niet worden gebruikt ten koste van anderen."

Een doodenge zin, vooral door dat sinistere 'maar.'

In een democratische rechtsorde is de vrijheid van meningsuiting niet een groot goed, maar het grootste goed. Overtreffende trap! Want noodzakelijk voor diezelfde democratie.

Word je getroffen door onrechtvaardigheid, meen je dat er iets beter kan of wil je iets behouden, dan moet je je mening kunnen geven. En die mening kan niet alleen ten koste gaan van anderen, hij gaat altijd ten koste van anderen. Daarom deugt die 'maar' niet van de officier van justitie. Het klinkt vriendelijk, maar het is dodelijk. Dodelijk voor de vrijheid van mening.

"Weg met al die toeristen in Amsterdam die de stad onveilig maken."
Die mening gaat misschien ten koste van Amsterdamse hotelhouders of Amsterdamse horeca-ondernemers. Je kunt het nooit iedereen naar de zin maken.

Maar wat ik aan deze uitspraak van officier Bos zo eng vind, is dat dit al jaren en jaren bekend is.

Over de vrijheid te mogen zeggen wat je wil, wordt al gesproken sinds de lijkrede van Pericles (495 v. Chr.-429 v. Chr.), waarin de democratie werd bewierookt.

Toqueville (1805-1859) schreef erover in zijn Over de democratie in Amerika, John Stuart Mill (1806-1873) schreef er uitgebreid over in zijn boek On Liberty (een boek dat in het Wildersproces nog door Paul Cliteur werd geciteerd).

Al meer dan honderd jaar praten we hierover. Al meer dan honderd jaar? Zou Erasmus hebben bestaan zonder vrijheid van meningsuiting, Spinoza, onze Gouden Eeuw? Onze Geuzen ('Weg met de Spanjaarden'), onze verzetshelden. ('Weg met de Duitsers') Zouden de verzetshelden van Het Parool zich altijd keurig over Duitsers hebben uitgelaten, denkt u?

Maar onze juristen weten nog van niets! Zelfs niet na de moord op Fortuyn en Van Gogh. Er is na hun dood bijna geen week voorbijgegaan dat er niet over die Vrijheid van Mening werd gesproken. Tientallen boeken zijn er sindsdien over verschenen.

Beangstigende zinnen veroorzaken een beangstigende sfeer.
De zinnen van officier Bos voeden het wantrouwen tegen de rechtstaat. Als je het vertrouwen in de rechtstaat bent verloren, wie beschermt mij dan? Moet ik dat zelf doen?

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden